MIES

Onlangs belde ze nog.  

‘Bob, denk je ook niet dat de mensen zo langzaamaan wel  

genoeg hebben van al die zangcompetities en weer toe 

zijn aan een gezellig avondje amusement’? 

‘Hoe kom je daar zo op, Mies?’ 

‘De BBC, gaat weer ‘Eén van de acht’ opnemen. Voorlopig 2  

programma’s als proef en volgens mij is de tijd er ook wel  

weer rijp voor, vind je ook niet?’ 

Zo tuinierden we een beetje door televisieland en 

door de golfbewegingen in programma-appreciatie.  

Ik vertelde over de nieuwe concepten die ik met Rinke  

ontwikkelde voor Polen. 

Haar interesse en belangstelling in actualiteit en  

ontwikkelingen in programma-maken waren nog net zo  

gretig, geïnteresseerd en fris als bij onze eerste  

samenwerking in 1962. 

Ik was net begonnen bij de Avro als producer-regisseur en 

had onder andere een paar programma’s gemaakt, die ik zelf  

had geschreven.  

Die had ze gezien,  (wat op zich niet bijzonder was, omdat 

we  op de ene zender waarover Nederland beschikte, alles  

bekeken) maar ze had er ook iets in gezien, waardoor ze  

programmaleider Ger Lugtenburg liet weten, dat ze met die  

‘rare’ regisseur ook wel eens een programma wilde maken. 

Dat werd: ‘Toonkunst op de Keien’. Een simpel documentair- 

achtig programma over straatmuzikanten. Zij deed de  

interviews, ik de regie. 

Contact is daarna altijd gebleven.


Leen en Mies waren hartstochtelijk geïnteresseerd in maat- 

schappelijk-sociale processen. In kunst, ( Leen was met  

‘kunstgrepen’ de grondlegger van het kunstprogramma in de  

meest pure vorm. Geen pretentieuze Schnicksnack, maar de 

symbiose van muziek, een begeesterde presentator en een 

sobere, maar zeer indringende beeldvoering) in politiek en  

vooral in televisie als vehikel om te duiden en te ontspannen. 

Bij dat duiden speelde bij Leen sterk de overtuiging dat  

televisie kansen bood om op grote schaal een educatief  

perspectief te bieden aan mensen die graag iets wilden  

bijleren. 

Hij was één van de founding fathers van ‘Teleac’.  

(televisie-academie) kortom beide waren in bijna alles  

geïnteresseerd en hadden een vriendenkring die dat ook  

reflecteerde.

Herinneringen verdringen elkaar om aandacht. 

Het is eind 1973. Mies belt. 

‘Bob, er is nou zoiets wonderlijks aan de hand.... Ik  

begrijp er niks van.’ 

‘O, wat is er gebeurt’? 

Mies vertelt dat ze gebeld was door Rudy Carrell. 

Hij gaat ‘Één van de acht’ doen in Duitsland en of Mies 

even de draaiboeken van de Nederlandse afleveringen 

op wilde sturen.

Ze had gevraagd of er niet eerst even over rechten moest  

worden gesproken. 

Nou, dat vond Rudy een gekke vraag. Als Mies daar 

moeilijk over ging doen, dan kon ze het ook laten.  

Rudy’s zuster had bijgehouden wat er in de uitzendingen aan  

spelletjes voorbij was gekomen en als Mies niet wilde mee- 

werken dan zou hij het daarmee wel doen. Natuurlijk zou het  

een stuk prettiger zijn als Mies gewoon even de scripts zou  

opsturen, maar gezien haar reactie zou Rudy zich wel  

behelpen met de notities van zijn zus.


‘Wat vind je daar nou van?’, vroeg Mies. 

We spraken af dat ik er over na zou denken en dat we  

elkaar de volgende dag weer zouden spreken. 

Die avond belde ik met “Peter Köster’. Een Duitse producent  

en goede vriend. Köster’s productiebedrijf heette ‘Agenda’ 

en had als mede-eigenaar Peter Ustinov. Köster had mij 

verteld dat hij met de WDR in onderhandeling was over een 

paar documentaires met Ustinov als duider en presentator. 

Bij de WDR (de grootste zender van het eerste Duitse net en 

de belangrijkste co-producent van Rudy’s programma’s) 

was ik kind aan huis. Van ‘Hannes Hoff’ de chef  

‘Unterhaltung” en ‘Drama’, kreeg ik, nadat ik hem met onder  

andere de personality-shows ‘Dusty’ en ‘Esther-Color’,  

prijzen had bezorgd, carte blanche. Dat hielp ook mee 

voor een willig oor.

Ik stelde aan Peter Köster voor om hem in naam, de rechten  

van ‘Eén van de acht’ voor Duitsland te geven. Hij zou de  

programmaleiding van de WDR daarover informeren.  

Mochten ze serieuze plannen hebben om met Rudy dat  

format te willen produceren, dan moest men bij hem zijn 

om over de rechten te onderhandelen. 

Köster zou daar niet moeilijk over doen als de WDR hem ook 

tegemoet zou kunnen komen met betrekking tot de  

documentaires die hij met Ustinov wilde maken. 

Dat was het plan. 

De volgende dag heb ik dat aan Mies voorgelegd. 

’t Leek haar een goed plan en zo is het ook uitgevoerd. 

Köster sluisde de onderhandelingen door naar de advocaat  

van Mies. De WDR betaalde voor de rechten, sloot een 

deal met Köster over de programma’s met Ustinov en Rudy 

begon aan een zeer succesvolle serie: ‘Am laufenden Band’. 

Nadat de spellen uit de Nederlandse programma’s, door  

Rudy verbruikt waren, vond hij dat hij ook geen rechten 

meer hoefde te betalen. Waarna betalingen stopten. 

Dat is uitgedraaid op een vervelende rechtszaak voor de  

WDR. Rudy verloor, Mies won.

Een andere herinnering betreft de comeback als zangeres 

van advocaat/rechter Corry Brokken, destijds nog de 

echtgenote van René Sleeswijk de man van de “Snip & Snap  

revue’s’ en de carrière-engine achter de metamorphose van 

het zangeresje Corrie Brokken tot vedette.

Op speciaal verzoek van Siebe van der Zee, de directeur  

televisie van de Avro, werden Mies en ik gevraagd om van 

de comeback een verrassende, overrompelende show te  

maken. Mies als producer en ik als regisseur.  

Met veel plezier hebben Mies en ik eraan gewerkt. Een 

concept bedacht waarvan wij dachten dat het de comeback  

van ‘Brokken’ op een moderne, inventieve manier glans zou  

geven en waarvan zowel zangeres als publiek, gelukkig  

zouden worden. 

Mies maakt een afspraak om het concept aan Corry te  

presenteren. 

René Sleeswijk (een gentleman) liet ons binnen in de villa 

‘Berkenrode’ en nam ons mee naar zijn werkkamer. 

Het werd een merkwaardig gesprek.  

Hij vroeg ons om het concept aan hem voor te leggen. 

Vanzelfsprekend, wilden we dat uit respect en op basis van  

courtesy wel doen. Maar al snel bleek, dat hij voor zichzelf 

de rol zag weggelegd als senior-producer en doorslaggevende  

maatstaf voor vorm en inhoud.  

Mies en ik waren verrast. We hebben hem uitgelegd dat bij 

het aanvaarden van het project er nimmer is gesproken over 

een actieve rol van Sleeswijk. Mies liet hem ook onomwonden  

weten, dat we hem met plezier wilden informeren, maar dat  

van zijn bemoeienis met het programma, nooit sprake is  

geweest. Dat ze gewend is om autonoom te handelen en niet  

werkt naar richtlijnen van anderen. 

Het werd geen prettig gesprek.  

We waren gekomen om Corry ons concept voor te leggen en  

waren terecht gekomen in een gesprek over hiërarchie. 

Terwijl we beneden met ‘Slees’ in gesprek waren, hoorden we 

af en toe heftige geluiden van boven komen. 

Verbouwing? Timmerlieden? 

Het was Corrie. 

Sleeswijk zei dat hij en Corrie in onmin leefden. 

Hij beneden, zij boven en dat ze eigenlijk niet met elkaar  

communiceerden. Mede daarom zag hij voor zichzelf een 

belangrijke taak weggelegd om als ervaren showman, 

toezicht te houden op de ontwikkelingen en de voortgang. 

Het was ook onmogelijk voor ons zei hij, om met Corrie 

te spreken.  

Behalve af en toe enig gebonk, waarmee ‘La Brokken’ liet 

horen dat ze er was, hebben we haar niet gezien. 

We zijn toen maar vertrokken.  

Thuis bij Mies, toen nog in Laren, fysiek op een paar  

honderd meter afstand van de ‘Villa Berkenrode’ belde Mies  

met Siebe van der Zee. 

Die vroeg om begrip voor de situatie van Sleeswijk en of  

we hem niet op z’n minst het gevoel konden geven, dat hij 

belangrijk was.  

Dit ging niet meer om een show maar om sociaal tiptoeing 

door een licht ontvlambaar echtelijk mijnenveld. 

Mies en ik hebben elkaar eens goed aangekeken en uitge- 

sproken dat we dit project maar niet moesten doen. 

Corrie heeft hier en daar nog wel eens een lied gezongen, 

een gastoptreden gedaan, maar een echte comeback is er 

nooit van gekomen.

We hadden een ontzettend gezellig eetclubje. 

Mies en Leen, Liesbeth List en haar man Robbert, mijn 

toenmalige echtgenote en ik. 

Met enige regelmaat aten we ofwel bij Leen en Mies, 

dan wel bij Liesbeth en Robbert of bij mij. 

De tijd heeft veel gaten laten vallen.

Laat op de avond, voorafgaand aan de nacht dat Leen stierf 

belt Mies. Een stem met groot ingehouden verdriet maar  

scherp en precies formulerend: 

‘Bob, het is een aflopende zaak. Zijn wens is dat jij en  

Maarten (van Rossem) de enige sprekers zullen zijn bij het  

afscheid. 

Nou is hij wel nieuwsgierig naar wat je gaat zeggen. Kan jij  

dat zo snel mogelijk opschrijven, dan kan Leen het nog even  

lezen?’ 

Pff...!

Met het overlijden van Mies is het laatste televisie-icoon 

van het eerste uur verdwenen. Niemand heeft zoveel 

bijgedragen aan de Nederlandse televisiecultuur en    

veelzijdige programma-ontwikkeling als zij. 

Niemand was ook zo belangrijk voor getalenteerde    

nieuwkomers. Als ze niks in je zag en je wilde graag  

op audiëntie dan vond ze dat zonde van haar tijd.


Maar zag ze wel iets in je dan was ze ook volledig 

committed. 

Het is niet alleen de vorstin die is overleden, maar 

met haar is ook een bron van inspiratie verdwenen    

en een tijdperk afgesloten. 

De Wereld draait door!    

Vluchtig en in snippets.

..en nu? 

Leen en Mies  

eigenlijk  

onafscheidelijk 

maar in mijn geest 

weer samen! 

..en dat is bij dit droevige afscheid 

een troostende gedachte.

28.2.’18