Debat
Monter zakte hij onderuit achter zijn bureau in het Torentje.
Z’n blik, die soms in de hitte van het debat fel de grote zaal in pookte, stond mild.
Hij sloot z'n ogen en zag Femke.
Ergens had hij eens gelezen dat ze op zondagochtend naakt door het huis
liep. Hij kon daarna nooit meer met haar debatteren, zonder daaraan te denken.
't Maakte hem bij voorbaat al tot een winner. Wat ze ook aantrok, hij keek er
dwars doorheen. Wat ze ook zei, hij zag altijd meer dan woorden.
Getoast brood, kopje jasmijnthee en blote billen op de leren bank.
Dat lag wel even anders met Agnes.
Die is zo gedreven, dat haar lichaam schokt en wankelt onder een overgewicht
aan verontwaardiging.
Bizar voor zo'n anorexia-plantje.
Was de hele oppositie maar van het soortelijk gewicht van Agnes.
Voorspelbaar als het weer van gisteren.
Met name zij was zo'n heerlijke trigger om zijn gekwetste integriteit aan te
jagen. Even een kleine pauze, een woedende blik en dan kon hij, in een half
verstaanbare brei van woorden, de moraliteit van christelijke
rechtschapenheid uitspuwen, over de ongelovigen.
Hij was er in de loop der jaren best goed in geworden.
Met het ventje Pechtold, neusje omhoog, parmantig borstje vooruit, éénmaal
andermaal op de tong, had hij de goeie balans nog niet helemaal gevonden.
Toen van Mierlo bij P&W, statsmännisch boven de partijen uitsteeg en zei; dat
het controlerecht van het parlement niet kan worden weggegeven, was hij wel
even jaloers geweest. Ademloos hadden ze naar hem geluisterd. 
Het boven de partijen uitsteken wilde nog maar niet lukken. Ging hij met een
goed verhaal naar de televisiestudio, dan kwam steevast elke actualiteitenrubriek
of talkshow met die onvermijdelijke mantra: ‘laten we even
het geheugen opfrissen’ een zin die als een epidemische ziekte zijn optredens
verpeste. Altijd weer het beeld dat hij de bal niet in een opening kreeg zo groot
als de IJtunnel  en natuurlijk hoe hij op z’n bek ging op het skateboard.

Terugdenkend aan de verkiezingen, kon hij een gevoel van lichte triomf niet
onderdrukken. Maxim had de schandpaal opgericht met die prachtige one-
liner: 'Met Bos ben je de klos' en hijzelf mocht Bos eraan nagelen met:
'U draait en u bent niet eerlijk'.
Een vuistslag waardoor de PvdA de verkiezingen verloor.
'n Geniale strategie. Dat douceurtje aan Jack de Vries was dik verdiend.
En wat kan er nu nog misgaan?
Aan alle kanten gedekt, door van Geel,  Slob en Hamer.
Zijn eigen heilige drie-eenheid. Pieter, een transpirerend nerveus wrak, met
feminine-gebaartjes en holle retoriek, maar voor de partij het ideale vaantje
voor alle streken van de politieke windroos. En Arie, een leuk schoothondje.
Blaft nooit, likt braaf de hand, een echte knuffel.
Mariëtte hulpeloze blik: Ik wil wel, maar ik mag niet.
Alles een beetje uitgezakt. Motoriek, taal, hoofd, lijf, argumentatie,
respect geloof, hoop en liefde.
Een glimlach krulde zijn lippen toen hij terugdacht aan zijn laatste
briljante zet. Twee toverwoorden, meer was er niet voor nodig:
commissie en onafhankelijk. Een verdwijntruc waar Hans Klok nog een
puntje aan kon zuigen. Toch zeker een jaar geen gezeur meer over Irak.
Kaltgestellt!

Z'n gedachten dwaalden af naar Beetsterzwaag.
Daar had hij Bos mooi in het pak genaaid.
'Alles goed en wel Wouter, maar Irak gaat op slot.'.
Heerlijke tijd.
Politiek was veel minder ingewikkeld dan hij dacht toen Piet-Hein hem nog
souffleerde.
Primus inter pares.
Dat voelde goed. Hij de primus, die het in de contemporaine geschiedenis
gelukt was, om het parlement te verbouwen tot machteloos praathuis.
Een betere strateeg had Nederland sinds Piet Hein (nee niet die) Michiel
Adriaanszoon en Tromp niet meer gehad. Hij mocht het niet meer hardop
zeggen, maar kom op hé, hij is toch de verpersoonlijking van de VOC mentaliteit.
LPF geëlimineerd. De Partij van de Arbeid teruggetrimd tot repeteergeweer
met losse flodders. Het onderzoek naar de Nederlandse deelname aan de
Irak-oorlog uit de parlementaire democratische controle geweerd.
Goed gedaan J.P., dacht hij bij zichzelf.
Zijn blik dwaalde door de ruimte.
OK, geen Oval Office, maar qua vorm leek het er toch verdomd veel op.
Bob Rooyens
5.2.’09