BOB ROOYENS

tekstschrijver/scenarist/producer/regisseur/producent

Overzicht


Bob Rooyens wordt in Rotterdam geboren Hij is muzikaal. Krijgt piano- en

gitaarles. Hij schrijft liedjes, hoorspelen en toneelstukken die in kleine kring,

met vrienden en vriendinnen worden uitgevoerd. Met een schoolbandje,

toert hij in de avonden en weekends langs personeelsverenigingen en clubs

die iets te vieren hebben en veelal weinig te spenderen.

Er volgen radio-opnames voor Avro's jeugdomroep Minjon.

Het is zijn eerste kennismaking met Gerrit den Braber.

De man die een belangrijke rol in zijn leven zal blijven spelen.

Rooyens, is verslingerd aan film.

Wekelijks bezoekt hij in gymnastiekzalen en buurthuizen filmvoorstellingen.

In de bioscopen wordt het publiek eerst nog geamuseerd met een

varieteprogramma. Later worden dat populaire deuntjes op het hammond-

orgel voordat de hoofdfilm begint.

Rooyens weet het zeker. Dat is zijn wereld!

Hij vraagt een beurs aan om in het buitenland film te kunnen studeren. Die

aanvraag wordt afgewezen. Als het zo niet kan, dan maar anders.

Hij vertrekt met een vriend (die als zanger carrière wil maken) naar

Parijs met de intentie om aan het IDEC, de Franse filmacademie, te gaan

studeren.

Gebrek aan financien dwingen hem om de studie nog even op te schorten .

Om te overleven werkt het duo in eerste instantie als straatmuzikanten

langs boulevards en terrassen. Tijdens een van die optredens wordt hij aan een

tafeltje genodigd door een echtpaar. Zij schrijft boeken, hij is de Canadese animation-

regisseur Jean Letarte. Letarte (op dat moment gastdocent aan het

Idec en naar later blijkt een begenadigd gitarist) luistert naar het verhaal van

Rooyens en biedt hem een stageplaats aan bij zijn nieuwe film.

Daar leert hij de principes van het vak.

In het existentialistische Parijs van de jaren 60 heerst de geest van Jazz,

Sartre, de Beauvoir en Greco. In de Rue de la Huchette speelt Bud Powell.

Het zijn de tijden van Les Tricheur. Rooyens raakt verzeild in studenten-

gemeenschappen. Slaapt nu eens een tijdje hier, dan weer daar. Overdag

werken aan de film, s avonds ergens optreden. Met zijn vriend, de

zanger, lopen ze agency's af, doen audities en worden voorgesteld aan de

machtigste talentscout van Parijs, Madame Suzi Louvat.

Zij regelt een optreden als gast in een tv-show met Lucienne Boyer.

Wolf Lupi de manager van het Europees zeer populaire Deense jongensduo

Jan & Kjeld, is geinteresseerd en biedt het duo een contract aan. Rooyens

weigert, hij wil het filmvak leren. Muziek is daarbij uitsluitend een middel om

te overleven.

Gerijpt en rijk aan ervaringen keert Rooyens naar Nederland terug om de

dienstplicht te vervullen. Televisie is in opkomst. Tijdens zijn militaire

diensttijd schrijft Rooyens televisieprogramma's. De NCRV ziet er wel wat

in en koopt een paar scripts aan. Hij schrijft liedjes, o.a. voor het Vara

radioprogramma het Chansonnetje in huis.

Rooyens ziet het vernieuwende tv-werk van regisseur Jef de Groot en voelt

dat bij dat medium zijn toekomst ligt..

In zijn hommage aan die regisseur in het door hem samengestelde boekje:

JEF,  http://www.bobrooyens.com/Jefboekpage.html vertelt hij hoe het

werk van de Groot hem raakte en drijfveer werd voor zijn ambities.

De Avro-televisie vraagt hem, om een programma te schrijven ter

gelegenheid van een Pia Beck jubileum. De titel heeft men al bedacht:

Pia's Boekie. Rooyens schrijft het programma, maar is niet erg gelukkig

met de manier waarop zijn ideeën door de regisseur zijn omgezet. Hij

beklaagt zich daarover bij Ger Lugtenburg de programmaleider en zegt

dat hij voortaan zelf de regie wil voeren. Lugtenburg ziet wel iets in

hem en stuurt hem naar de regiecursus.

 

Rooyens wordt een programmamaker en regisseur van alle genres.

Van Opera tot Jazz, van komediedrama tot klassieke en moderne balletten,

van documentaires tot Rock Concerten. Talkshows, GameShows,

Popshows, informatieve programma's, kinderprogramma's, literaireshows,

personalityshows, bigband concerten, klassieke concerten. Geen enkel

genre ontkomt aan zijn interesse.

Hij regisseert, produceert, schrijft en bedenkt televisie, nationaal en

internationaal. Binnen korte tijd valt zijn manier van regisseren op. Het is

afwijkend en eigenzinnig. Een Rooyensprogramma heeft een eigen

herkenbare signatuur.

Zoals de geschiedenis al talloze malen heeft geleerd, leidt verandering tot

verdeeldheid. Er ontstaat een groep enthousiaste voorstanders en een groep

tegenstanders.

Een tussenweg lijkt er niet te zijn. Belangrijke supporters van Rooyens' stijl

zijn de prominente journalisten en televisiecritici Nico Scheepmaker (GPD),

Wim Jungman (Parool), Henk Huurdeman (Volkskrant) en Frans Happel

(Haagsche Courant). Notoir tegenstander is de recensent van de Telegraaf

Leo Riemens. De journalist Hans van Reysen schrijft: 'Hij is de bekendste

regisseur in Nederland en de bekendste Nederlandse regisseur in het

buitenland. Zijn televisieprogramma's worden of diep bewonderd of diep

verguisd. Maar er is vrijwel niemand, die geen mening heeft over tv-

regisseur Bob Rooyens. Zijn passie voor experimenteren heeft hem

gemaakt tot de Willy Wortel van de televisie.

De Frankfurter Rundschau schrijft naar aanleiding van de uitzending

HerzDamen: Er (Rooyens) setzt Zeichen, wie Fernsehunterhaltung heute

sein könnte. ' Verrückt ', werden auch viele Zuschauer von Bob Rooyens'

ARD-Show 'HerzDamen' sagen. Aber verrückt ist durchaus ein eigener

Wert, wenn das Normale spieszige Langeweile ist.

De Hannoverische Allgemeine Zeitung schrijft naar aanleiding van hetzelfde

programma onder de koptitel: ' Nie um einen Einfall verlegen ', Das war schon

ein Leckerbissen. Was Bob Rooyens da in seiner faszinierenden Show vorführte,

gehört zu jenen optischen und akustischen Delikatessen, die nur ganz selten

serviert werden.

In Die Welt schrijft Valentin Polcuch: 'Bob Rooyens, der einfallsreiche Magier

des elektronischen Mediums, hatte wieder seinen groszen Tag.

En de Süddeutsche Zeitung schrijft: 'Bob Rooyens, der Star-Mix unter den

Show-Regisseuren, zapfte wieder seine unerschöpfliche Phantasie

an und verquirlte Op- und Pop-Art, Hieronymus-Bosch-Phantastik, TV-Tricks

und die Hit-Mädchen Sue Kramer und Liesbeth List zu wahren Wunderwerken.

Veelvuldig wordt werk van hem naar het Gouden Roos Festival gestuurd.

Hors- en in concours, representeert hij Nederland met: Liesbeth List Show,

Hoofdstuk III, Moef GaGa, Johnny & Rijkshow, Nina meets Boy,

Liesbeth & Ramses, Gala of the Year en Kinderen voor Kinderen.

Duitsland vertegenwoordigt hij met: Dusty en in seminar met Männer wir

kommen.

It's all in the Game een coproductie met Roemenie, wordt ook voor dat land de

nationale inzending naar de Gouden Roos. Altijd is er veel aandacht voor het werk.

En ook altijd is er de nodige opwinding en controverse. De Gouden Roos,

wordt hem ondanks alle voorspellingen steevast onthouden. Wel wint hij de

roos van de pers, een bronzen roos en 6 eervolle vermeldingen o.a. voor

Dusty en It's all in the Game. Het Gouden Roos Festival kende in die tijd

(tot eind jaren tachtig) slechts 3 rozen, plus de roos van de pers. Intussen is

bij hetzelfde aantal deelnemende programma's het festival opgedeeld in

categorieen, waardoor er nu zo'n 18 rozen te verdelen zijn. Wat neerkomt

op gemiddeld 1 roos per 3 programma's.

Door de internationale aandacht die hij krijgt maakt zijn werk internationaal

ook school. Zowel in het buitenland als in Nederland, waren er talloze

regisseurs, die zijn stijl probeerden te imiteren. Een van de meer geslaagde

navolgers was regisseur Rob Touber, die er ook openlijk voor uitkwam dat

Rooyens zijn grote inspiratiebron was.

In Nederland krijgt hij de Nipkowschijf. Internationaal wordt zijn werk veelvuldig

gelauwerd. In 1972, krijgt hij van de Akademie der Künste – Berlin de

kunstprijs van de stad Berlijn. In het juryrapport staat:

'Bob Rooyens hat mit seinen fuer den Westdeutschen Rundfunk zwischen

1969 und 1971 produzierten Show- und Unterhaltungssendungen

Pionierarbeit geleistet. Im gegensatz zu jeder bekannten Praxis in diesem

Genre, hat Rooyens begonnen, alle Verschmelzung der musikalischen,

theatralischen, optische, farblichen und dramaturgische Elemente zu

nutzen. In seinen Produktionen finden Bilderereignisse statt, die mit

vertrauten Formen der Fernseh-Show gebrochen und stattdessen neue

Seh-Weisen und damit Maszstäbe gesetzt haben, welche die Arbeit anderer

Regisseure bereits mitbestimmen.'

In juli 1987 schrijft Wim Beeren, directeur van het Stedelijk Museum aan Rooyens

naar aanleiding van de manifestatie; ' Kunst voor Televisie ' : 

' Een van de onderdelen is een selectie van historische kunstprogramma's uit

verschillende Europese landen. Voor Nederland is er door ons, na het

bekijken van de vele producties, een selectie gemaakt van naar onze

mening belangwekkende kunstprogramma's en vernieuwende Tv-

programma's. Tot die selectie behoort het door U vervaardigde

' Moef GaGa ', aflevering Batman.

In de loop der jaren, krijgt Rooyens van bewonderaars, critici en criticasters

talloze etiketten en bijnamen: Salvador Dali van de televisieregisseurs, Tv-

beelden goochelaar, Avro-pionier, Bussums BeatBoy nr.1, Een opvallertje,

veeleisende 1.95m lange blonde dictator, Formule Rooyens, Rooyaanse

effecten, Aparte Rooyens-signatuur, Maestro Bob, De effectenmakelaar,

jonge blonde zoekende Steenbok-regisseur, Pop-Artregisseur, de man met

de wiebelende beelden, de Meester, de Bob Rooyens show, Tovenaar met

techniek, inventieve Rotterdammer, omstreden topregisseur,

de angry young man, de Rooyens touch, componist van schitterende

beelden, de Kees van Dongen van de TV, fel en geestdriftig, een bezeten

kunstenaar, een rechtgeaarde individualist, brouwt als een magier, een

bezeten regisseur, de Duitse Nederlander, een vakman, de pionier, ' onze '

Bob, een groot kunstenaar, veelbelovende regisseur, jongleur met

beeldtrucmogelijkheden, veelzijdig ' stukkenmaker ', de man met de

verschrikkelijke flitsbeelden, kort aangebonden Tv-fenomeen, Nederlands

succesrijkste tv-regisseur in het buitenland, karakteristieke signatuur, aan

Duitsland uitgeleende blonde reus, gaat te werk als een schilder met zijn

palet, grote kunst als kleurenrealisator, Rooyens groeit naar meesterschap,

internationaal gevierde man, het voormalige wonderkind, Goliath met de

kop van een Griekse wijngod, een ongevoelige zelfverzekerde vakman,

Rooyens die bewust sociaal denkt en zich opwindt over het minimumloon,

het maximumloon, tovenaar Bob, een effectenjager als Karel Appel, de man

van de wilde beelden, Bob ' Top of the bill ', topregisseur, meesterregisseur,

een ware kunstenaar, professor in deze business, de ongekroonde koning,

deze week is duidelijk geworden dat Rooyens in andere landen beschouwd

wordt als een soort God de Vader, programmamaker die obstakels niet uit

de weg gaat, de Fellini van Hilversum, Nederlands meest barokke

televisieregisseur, beeldenmagier, talentvolle beeldenmaker, bezielde

vakman, de onbetwiste pionier van de virtuele werkelijkheid, de vader van

het andere televisiemaken.

 

Ein groszer im Schau-Geschaeft, Groszmeister Rooyens, Eigenwilliger Show-

Regisseur, den vielgelobten Hollaender, einfallsreichen Regisseur, eine

typischen Rooyens-Kulisse, ein Showman mit Ideeen, der laessige Bob,

Hollands Popregisseur, der begabte Hollaender, Regie-wunder aus Holland

vielversprechendes Nachwuchs-Talent auf dem Gebiet progressiver

Fernseh-Unterhaltung, Erfinder optische Alptraeume, der einfallsreiche

Magier des elektronischen Mediums, wohlrenommierte Hollaender, einer der

bekanntesten Europaeischen Fernseh-Unterhaltungsmacher, ein beliebter

Regisseur in Koeln, der trickreiche Hollaender, das Rooyens-Rad, der

schwingenden Hollaender, der Starmixer unter den Show-Regisseuren, der

flimmernde Hollaender, BlueBox-Boy, Elektronischer Buhmann, verschrien

und verehrt, Bildschirm-Magier und Elektronik-Kuenstler, vom Show-

Elektroniker zum Show-Mahler gewandelt, eigenwilliges TV-TrickTricktechnik-Genie, 

 

Rooyens begon zijn carriere bij de Avro, maar werd al snel freelancer.

Belangrijke producties zijn onder meer: Hoofdstuk, Moef GaGa, Vers:,

Dusty, Männer wir Kommen, Esther Color, Berlin Berlin, Liesbeth & Ramses,

HerzDamen, Das Deutsche neue Design, Dr. Winter,  It's all in the game, Lulu,

Macht hoch die Tuer, die Tor macht weit, Antigone, Summernight Dreams,

Kinderen voor Kinderen, The Young Messiah, Get up Early, Krieg und Frieden.

 

 

                Omroeploopbaan

 

Op 18 juni 1962 zijn op de AVRO-radio vakantie-impressies te horen

vanuit Parijs in ' Eigen weg, een zomers half uur voor twintigers '.

Rooyens schrijft de teksten onder de naam Serge van Wijngaarden,

een pseudoniem waar hij vaker gebruik van zal maken.

 

 

De positie van de televisie-regisseur was de eerste 30 jaren totaal

anders dan nu.

Ideeën voor programma's begonnen veelal bij de regisseur. De

regisseur beheerde het budget, bepaalde met zijn designers de

artdirection, engageerde de medewerkenden, was de redakteur,

de producer, uitvoerend producent en regisseur.

Rooyens' eerste programma is op 27 juni 1962 en ironisch genoeg de

finale van de Opreghte Amateur. Het programma dat hij zeven jaren

eerder in Theater Marcanti in Amsterdam, met zijn Loyal Trio gewonnen

had. De Haagsche Courant schreef naar aanleiding van die uitzending:

De finalisten van de Stichting d ' Oprechte Amateur werden fraai

in een lijstje gezet, met zoveel zorg en talent was men geneigd te

denken, dat de omlijsting het ingelijste soms overschaduwde.

Regisseur Bob Rooyens (een ouwe lente, een nieuw geluid) had

waarlijk eer van zijn werk.

De Telegraaf:

Het voordeel van zo ' n televisieprogramma als waarmede de Avro,

de avond om zeep hielp, is altijd, dat velen zich realiseren iets beters

te doen te hebben. Het meest oorspronkelijke bestanddeel kon men

met wat goede wil het aaneenrijgsel noemen, waarin de Avro haar

beste amateurs op het miljoenenpubliek losliet.

 

Op 25 juli maakt Rooyens samen met zijn collega Roelof Kiers ' Naar

mijn idee ' meningen van jongeren op film anno 1962. Een van de

jongeren, die door Rooyens en Kiers daarbij stevig aan de tand wordt

gevoeld is de jonge student politicologie Hans Wiegel. Het eerste

serieprogramma dat hij als jongste regisseur voor de AVRO verzorgt, is

"Club Domino" (1962). In deze muziekprogramma's staan Franse

sterren centraal. Zo maakt Rooyens onder andere opnamen met

Patachou, Jacques Brel, Juliette Greco. De regisseur had de

beschikking over drie camera's. De bedrijfszekerheid liet nog wel

eens te wensen over. Bij de live-uitzending met Juliette Greco vielen 2

camera's uit en kreeg de derde een lekke band. Rooyens gebruikte zijn

camera's intensiever, maakte meer gebruik van de ruimte. Zijn camera-

voering was afwisselender en dynamischer. Hij gebruikte andere

perspektieven dan gebruikelijk en hanteerde een hoog tempo in de

snelheid en variatie van zijn beeldregie.

Dat leidde bij Jacques Brel, tot nooit eerder vertoonde dialoogshots met zichzelf,

dromerige poetische overgangen via een wegpannende camera naar

zwart en een opkomende camera met een ander perspectief uit zwart.

Bewuste overvloeiers van focus naar defocus naar focus.

Bij het lied Les Bourgeois werkte Rooyens met provocerende foto's en

in Le Pendu, bungelde Brel met zijn hoofd als gehangene in een strop.

Het was voor velen een schokkende belevenis.

Niet iedereen van de AVRO-leiding is enthousiast over de

voor die tijd onorthodoxe wijze waarop Rooyens de artiesten in beeld

brengt. Televisiedirecteur Siebe van der Zee overweegt na het

programma met Brel, Rooyens zelfs te ontslaan.

Vanwege de lovende reacties in de pers komt het overigens niet

zover. Tv-criticus Nico Scheepmaker over de uitzending: ' Maar daar

was ook een regie – Bob Rooyens – zo perfect, zo rijk aan vondsten dat

geen nuance verloren ging. Cameravondsten als het spel met het touw

in ' Le Pendu ', de perfecte warming-up, de charmante explicatie van

Denise Maes

' Rooyens, zelf als werkstudent in Parijs (1958) ook straatmuzikant geweest,

maakt in 1962 de documentaire ' Toonkunst op de keien '.

Mies Bouwman doet de interviews.

Op 28 februari 1963 regisseert Rooyens een door Jan Blokker geschreven

gedramatiseerde documentaire gewijd aan het fenomeen filmster in de serie

Voor de vrouw. In mei beginnen de opnamen voor een zesdelige tv-komedie

"Met 24 pk door Europa". De serie volgt een gezin (gemodelleerd naar de auteur

van de serie, Mazure) dat met een krakkemikkig autootje door Europa

reist. Hoofdrolspelers zijn Ko van Dijk, Teddy Schaank en Simone Rooskens.

De serie haalt de eindstreep niet.

Bij aflevering 4, besluit de Avro programmaleiding dat de kwaliteit van de

scripts te laag is, om er mee door te gaan.

Op 1 november 1963 staat Rooyens aan de wieg van het programma

dat zal uitgroeien tot een van de legendarische series uit de

Nederlandse televisiegeschiedenis: 'Voor de Vuist weg'.

Ger Lugtenburg, Avro's programmaleider kwam met het idee voor deze eerste

Nederlandse talkshow. Een orientatiereis door Amerika, had Lugtenburg

enthousiast gemaakt over NBC's Tonight Show. Populair geworden

door Steve Allen, overgenomen door Jack Paar en opgevolgd door

Johnny Carson. Lugtenburg zag in het programma het ideale vehikel voor

Willem Duys. De Vuist, moest live en verrassen met gasten uit alle

geledingen van de maatschappij. De locatie werd Theater Concordia in

Bussum. Willem had geen groot verlangen naar redactionele betrokken-

heid. De mantra van Duys luidde voor de samenstellers: de oude man,

het kind en het dier. Het programma werd tijdens de rijsttafel voorafgaand

aan de uitzending met hem doorgesproken en dat was genoeg. Willem

vertrouwde op zijn intuitie.

De productie en redactie in het eerste jaar, was in handen van Rooyens

en Oster. Daarnaast deed Rooyens de regie en vormgeving. Dat laatste

was simpel en basic. Op het kale toneel stond een tafel met een paar stoelen.

Op tafel, kannen met water, jus d'Orange, koffie en heet water voor thee.

Verder was er een wijntje en een versnapering.

Duys zou als een goed gastheer betaamt, zelf zijn gasten verzorgen.

Er was een plekje voor een combo en verder een lege bühne, de originele

trekkenwand van het theater en een kale stenen achtermuur.

De goudvis, die tot het ikoon uitgroeide van het programma was een min

of meer toevallig rekwisiet dat als vanzelfsprekend paste bij de huiselijke

'gezelligheid' van theelichtje en jus d' orange.

De eerste uitzending, liep totaal uit de hand. Het was overgeproduceerd met

teveel gasten en eindeloos lange gesprekken. Het programma was gepland

tot elf uur, maar liep uit tot ver na middernacht. Tot slot belde Willem met zijn

moeder en vroeg wat ze er van vond.

Hij werd als een kind door haar bestraffend toegesproken.

Het publiek vond ' t geweldig.

 

Furore maakt Rooyens met de serie Hoofdstuk. Samen met de beeldend

kunstenaar Armando, de schrijver Hans Sleutelaar, de graficus

en cartoonist Frits Mueller, decorontwerper Massimo Götz en Jef

de Groot als aanjager en co-producer ontstond een nieuwe vorm van

televisie. Vormgevingsexperimenten die volkomen afweken van

de gangbare opvattingen. Technisch kon televisie in die periode niet

veel meer dan het affotograferen van een gebeurtenis. Rooyens

bedacht spiegeldozen, roltonnen, beeldcomposities met levensgrote

maskers, en maakte ' composites avant la lettre ' met behulp van

monitoren en Eidophor's. (Eerste zwart/wit grootbeeldprojectoren)

Hij introduceerde bewegend licht...

Rooyens maakte van dit balkendak een maquette. (Lucifers door een stukje karton.)

Licht uit, zaklantaarn aan. De lamp bewoog over het dak. De schaduwen bewogen

over de vloer. Het idee voor bewegend licht was geboren. Belichter Henk de Rover,

liet een rail bouwen waaraan de spot door zijn assistent Oler ter Kuile, heen en weer

getrokken werd. Die legendarische handeling bezorgde hem de koosnaam Oler en

de vliegende 5KW.Daarna werd de vliegende 5KW nog regelmatig ingezet, zoals te

zien is bij het ballet rechts.

Hij ontdekte en ontwikkelde en gebruikte de creatieve mogelijkheden

die in het technische medium tot dan toe verborgen en ongebruikt waren

gebleven.

Hoofdstuk III Jazz, werd door de NTS hors concours ingezonden

naar het Gouden Roos Festival in Montreux. Het zorgde daar voor

veel ophef en discussie. Naast de Internationale collega's die de nieuwe

manier van televisie maken enthousiast omarmden waren er ook de

meer conservatieven die televisie meer zagen als een technisch

doorgeefluik. Bij Hoofdstuk VI Crime, dat een jaar later als nationale

inzending naar Montreux werd afgevaardigd, laaiden de discussies

weer op. Het programma viel niet in de prijzen, maar Rooyens naam

was internationaal een begrip geworden.

In 1965 produceert en regisseert hij Dit is Ton van Duinhoven. Een

muzikale literaire fantasie rond Ton van Duinhoven, geschreven door

Remco Campert, met Kitty Courbois en de Ruud Bos Big Band.

Kitty, in de ' storytelling ' de scriptgirl, verhaald In monologues Interieur

over haar liefdesrelatie met Ton. Haar herinneringen leidden tot de

onontkoombare analyse, dat ze niet van hem houdt. Tijdens het

werken met de muzikanten op de studiovloer, richt Ton zich regelmatig

via de camera even tot Kitty in de regie. Gemaakt opgewekt, intuitief

het proces aanvoelend dat zich in Kitty afspeelt, eindigt voor Ton de

opname in het onafwendbare einde van de relatie.

De ontwikkeling in vormgeving, ingezet bij Hoofdstuk zette zich door in

Moef Ga Ga, de eerste continentale televisiepopshow.

In een interview in het tijdschrift Wereldkroniek trekt Rooyens een

vergelijking tussen het ook op de Nederlandse buis verschijnende

Amerikaanse Shindig en zijn Moef GaGa. In Shindig is elke

aflevering in vormgeving en aankleding een herhaling van de

vorige met andere muziek. De vorm is eerder die van een theater-

reportage dan van een televisieshow.

Bij Moef GaGa daarentegen is elke aflevering een verrassing.

Er is een ander decor met een andere dynamiek en een ander verhaal.

Dat varieerde van een parodie op de Batman serie, tot een aflevering

geheel in het teken van Op-Art.

De net aangenomen decorschilder die de Op-Art klus moest klaren

verdween na het zetten van duizenden lijnen, rechthoeken en cirkels

volkomen in de war in de ziektewet.

De tekst van de herkenningsmelodie is van Rooyens; de muziek van

Ruud Bos. De hijgende, kirrende en gillende vrouw (de Jane Birkin

'Je t'aime, moi non plus' avant la lettre) is Tineke de Nooy.

De eerste uitzending van dit maandelijkse programma is op

21 oktober 1965; de laatste op 1 mei 1968. Befaamd in de door

Rooyens bedachte formule zijn de Beatgirls. Aanvankelijk Engelse

danseressen onder leiding van de Amerikaanse choreograaf Gary

Cockrell, later vervangen door Nederlandse danseressen die voor

een deel afkomstig waren van het Nationaal Ballet.

De studiodecors werden ontworpen door Massimo Götz en Roland de Groot.

Vooral de op Batman (Götz) geinspireerde aflevering is typerend voor het

vroege werk van Rooyens. De door de superheld geuite kreten, zoals

Wapp!! Voom!! en Klang!! vormen als grafische karakters een dynamisch

element van de beelddramaturgie.

De NTS zendt deze aflevering in 1967 als Nederlandse inzending naar

het Gouden Roos Festival in Montreux. Rooyens valt op dit tv-festival in

Zwitserland niet in de prijzen, maar het programma is wel aanleiding voor

het ZDF om hem uit te nodigen iets soortgelijks in Duitsland op te zetten.

Aanvankelijk kende het programma een grafische presentatie. Grafisch

werk (Hans de Cocq) bleef een belangrijk element in de vormgeving,

maar de presentatie kreeg een gezicht en stem door de immens populaire

diskjockey Joost den Draaijer, alias van Willem van Kooten.

Grafisch ontwerper Jaap Drupsteen noemt Rooyens ' de onbetwiste pionier

van de virtuele werkelijkheid in Nederland '; journalist Henk van Gelder

schrijft dat ' Rooyens al clips maakte voordat iemand nog maar van dit fenomeen

had gehoord '.

De Supremes waren zo onder de indruk van de manier waarop Rooyens

ze in beeld had gebracht, dat hij gevraagd werd om als vaste regisseur met

ze mee te reizen. Het leek Rooyens niet zo n aantrekkelijke gedachte om

altijd maar weer dezelfde liedjes in beeld te moeten brengen, dus hij

bedankte voor de eer.

In Studio Hamburg begint in 1967 zijn Duitse carriere met een serie

magazine-achtige popshows voor het ZDF. 4.3.2.1. Musik für junge

Leute.

Het programma is zeer succesvol, nieuwe popfenomenen als Jimi

Hendricks en David Bowie verschijnen voor zijn camera's. Toch

verloopt de samenwerking met het ZDF moeizaam. Men haalt Rooyens

naar Duitsland, vanwege zijn authentieke manier van programma

maken, maar toch wordt er steeds meer druk op hem uitgeoefend om

niet al te progressief te zijn. De situatie escaleert bij een citaat uit een

klassieke slapstickscene. De ZDF-redacteur vindt dat met taarten niet

gesmeten kan worden. Dat is voedsel en in India leiden mensen

honger. Rooyens stelt voor om deze compassie met de noodleidende

medemens te honoreren met een daad en niet met leeg geklep.

Zijn voorstel luidt: Laat een aflevering vervallen, ga een uur op zwart

en stuur het budget naar India. Ondanks die spanning, wil het ZDF, hem

graag behouden. Hij krijgt een contract voor 5 jaar aangeboden, maar

weigert.

Dan meldt zich in 1968 de WDR bij Rooyens. Dat blijkt de zender te

zijn, die bij hem past en die hij tot op de dag van vandaag, trouw is

gebleven.

Rooyens maakt in die (zwart/wit) periode talloze programma's in allerlei

genres. Klassieke concerten met het Concertgebouw Orkest, Drama met

Ko van Dijk en met Koen en Richard Flink. Weekend Shows met Johnny

& Rijk. Voor het theater regisseert hij Shaffy Chantant. Hij produceert en

regisseert shows met Sammy Davis, Mireille Mathieu, The Who, The

Bee-Gees, Dakota Staton,The Supremes, Aznavour, Stevie Wonder ....

en blijft daarnaast ook actief als schrijver van meer literaire shows.

Met o.a. een piepjonge Willem Nijholt (Stolen Moments), Marijke

(Merckens) en de vrouw van de jaren 60: Felicity.

Hij vertaald de tijdgeest in ' Flowerpowerproducties als ' Love- In ' en het

idioom van de Jazz en de Beatnik in ' Hip ' .

Op 14 september 1966 maakt Rooyens, op uitnodiging van Philips, in

de studio van het natuurkundig laboratorium in Eindhoven een

experimentele uitzending in kleur, onder de titel ' Hoofdstuk Kleur ' .

Uit nieuwsgierigheid vraag hij aan Ir. Tan, de grondlegger van Philips '

kleurentelevisie om het beeld van 1 van de drie kleurenbuizen te

spiegelen. Tan vond het wel een intrigerende gedachte en soldeerde een

buis om. Het resultaat was voor iedereen verbluffend en een ondersteuning

van Rooyens' these, dat de televisietechniek een authentieke creatieve

component bezit.

De uitzending was ook voor de technici een hoogstandje omdat voor

het eerst in de geschiedenis van de kleurentelevisie het programma van

Rooyens live, bilateraal werd uitgezonden naar een ander Europees

land. (Zweden)

In 1967 is Rooyens na Ger Lugtenburg en Jef de Groot, de regisseur

die de Weekend Shows met Johnny Kraaykamp en Rijk de Gooyer

produceert en regisseert. Deze shows worden om de twee weken (nu

onder de titel Johnny & Rijk (een paar apart)) afgewisseld met een serie

van de Mounties. Aanvankelijk regisseert Rooyens ook de serie met

de Mounties. (Piet Bambergen en Rene van Vooren)

Na de eerste aflevering vreest hij echter een loyaliteitsconflict met

Kraaykamp en de Gooyer.

Hij draagt om die reden het vervolg van de serie met de Mounties over

aan de zojuist als regisseur bij de Avro in dienst getreden Guus Vertraete.

In datzelfde jaar regisseert en produceert Rooyens naast shows met o.a.

Tom Jones, Boy's Big Band en Aretha Franklin een serie spraakmakende

discussieprogramma's met Ds. Barthold van Ginkel onder de titel

'Twistgesprekken met God '.

 

.

In 1968 benadert de Westdeutsche Rundfunk, (de grootste zender

van het eerste Duitse net) Rooyens om een serie kritische jongeren

programma's te maken.

Het satirische en kritische karakter van het programma leidde ertoe dat

de programmaleiding van de WDR, die het programma voluit steunde,

nogal eens onder druk kwam te staan van de WDR-Programmaraad.

Een uit verschillende maatschappelijke stromingen samengesteld

gremium, waarin het moralisme en conservatisme een zeer actieve

vertegenwoordiging had. Dit leidde uiteindelijk tot censuur van een

programma-item. In de uitzending vervangt Rooyens het item door

zwartbeeld met een countdown van de lengte en de tekst ' Zensuriert '.

De commotie die daardoor ontstond genereerde veel publieke aandacht

en verzet tegen het regenteske karakter van de programmaraad. Het

programma werd verder met rust gelaten.

Rooyens zou in de loop der jaren in opdracht van de publieke omroep

een aantal muziekprogramma's regisseren. Opmerkelijk hierbij is het

genre (varierend van klassiek tot jazz tot pop). Zo maakt hij in november

1967 een special met Nina Simone en het orkest van Boy Edgar.

AVRO-directeur Van der Zee is enthousiast over het resultaat.

In 1968 volgt een documentaire over vermaarde jazzmusici.

In december 1968 doet Rooyens de productie en regie van :Vers 1

(AVRO). :Vers is het vervolg in kleur van Hoofdstuk. Massimo

Götz verzorgt het decorontwerp, de grafische vormgeving is van Hans

de Cocq en de choreografie is in handen van Gary Cockrell. Het

betreft de vertolking van een gedicht van Armando. De teksten worden

gelezen door Marja Habraken, nieuwslezer Fred Emmer en Jef de Groot.

De muzikale ondersteuning komt van Ann Burton, Shirley en het Trio

Louis van Dijk. Over dit programma merkt Rooyens op: ' Wat ik maak

is niet een programma in kleur, maar een programma van kleur '. Op 28

mei 1968 komt :Vers 2 op het scherm.

' :Vers ' was evenals ' Hoofdstuk 'een literaire vorm van entertainment.

Referenties aan literatuur, muziek en beeldende kunst werden

gebonden door een thematiek. De vormgevingsidentiteit van het medium wordt

verder ontwikkelt, maar nu met een meer uitgebreide range aan technische

faciliteiten en mogelijkheden.

Rooyens gebruikte als basis wit en zwart. Kleur kreeg daardoor een

nadrukkelijker intensiteit en betekenis. In de aflevering ' Angst en Geweld ' citeert

hij onder meer uit het werk van Max Ernst.

 

LEAD Technologies Inc. V1.01

 

Wereldkampioen Karate, John Bluming vocht aangejaagd door

opzwepende percussie in een witte scene, in een wit pak tegen rood

aangeklede tegenstanders. Rooyens had voor deze scene een nog

nooit eerder gebruikte opnametechniek bedacht. De opnameband liet

hij over twee machines lopen. De eerste machine nam het beeld op en

de tweede gaf het weer. Die weergave werd doorgelust naar de eerste

machine, waardoor een vertraagd en in beeld iets verschoven

herhalingseffect ontstond dat de actie dramatisch verhevigde.

De vertraging beliep een vaste tijd. Namelijk de tijd die de tape

erover deed om van de opnamekop van machine 1 te arriveren

bij de weergavekop van machine twee. Rooyens wilde die (loop)tijd

kunnen varieren. De oplossing lag in het fysiek wegsturen van het

signaal. Omdat satellietverbindingen niet bestonden en de beschik-

bare lijnen voor televisie-uitwisseling zeer kostbaar waren werd een

simpel alternatief gebruikt. Tussen de studio in Hilversum en de

oude studio's in Bussum bestond een lijnverbinding. Door het

signaal uit Hilversum heen en weer te blijven sturen, werd de mate van

vertraging controleerbaar. Het medium was opnieuw een geheim

ontfutseld.

Kleur professionaliseerde ook het gebruik van key-effecten. De veelal

onzuivere en rafelige helderheids- (luminanz) key kon al snel worden

vervangen door de chroma-key. Rooyens was pioneer op dat gebied.

Studio A van de WDR in Keulen werd op zijn verzoek en in samen-

werking met zijn vaste technische crew, waarin Technik-Ingenieur

Klaus Kossmann een sleutelrol vervulde, technisch aangepast aan

zijn wensen. Speciaal licht, speciale horizons, speciale bodemplaten,

dubbele chromakeyers, coxbox, schakelaars in de camera's om de

verschillende elektronenbuizen te spiegelen of aan en uit te zetten etc.

Rooyens gaat in 1969, naar aanleiding van de zeventigste verjaardag

van jazzcoryfee Duke Ellington, voor een documentaire naar Amerika.

Samen met zijn vriend, componist, arrangeur, orkestleider en arts,

Boy Edgar wordt in het Sahara Hotel In Las Vegas pianist, componist,

arrangeur en orkestleider Ellington aan de tand gevoeld en op de voet

gevolgd.

In juli en augustus volgen het Modern Jazz Quartet en de Ray Charles

Big Band.

Een sensatie qua regie is de op 11 februari 1969 uitgezonden en slechts

in 2 studiodagen geproduceerde muziekspecial rond Liesbeth List.

De Liesbeth-List-Show is opnieuw de nationale inzending voor het

Gouden Roos Festival. Hier haalt de AVRO-productie de ' Rose de la

Presse 'van de persjury en een tot dan toe nog niet bestaande

'Honorable Mention' van de reguliere jury.

Bij de bekendmaking daarvan werd de reguliere jury getrakteerd op

afkeurend geroep door het overgrote deel van de aanwezige

programmamakers. Het werd ervaren als signaal van de conservatieve

opvattingen die er bij de jury, bestaande uit een aantal televisiechefs

van de deelnemende landen, heersten. Het waarderen van de Liesbeth

List Show met een gouden roos, zou voor een aantal van hen, intern

kunnen leiden tot conflicten met programma-makers die geïnspireerd

waren geraakt door de Rooyens-school. Die strijd vond men kennelijk

erg ongemakkelijk.

Die afkeurende reacties gaven uiting aan de teleurstelling onder de

aanwezige regisseurs en producers bij wie, vrij unaniem de verwachting

leefde dat de show gewaardeerd zou worden met de Gouden Roos.

De in haast in elkaar geknutselde 'Eervolle vermelding' werd ervaren

als een fopspeen.

Later dat jaar volgt alsnog de internationale erkenning en waardering.

De ' Liesbeth List Show ' wordt uitgeroepen tot winnaar van het

Hollywood Festival of World Television. Een Festival waarvoor uitsluitend

programma's worden uitgenodigd, die elders al een prijs hebben gewonnen.

 

De eerste grote show die hij in 1969 voor de WDR regisseert is rond de

Engelse wereldster Dusty Springfield. Die show onder de titel 'Dusty' wordt

door de Duitse televisiebazen aangewezen als de nationale vertegen-

woordiging op het Gouden Roos Festival. Onder collega's en de pers weer

gedoodverfd als de winnaar, wordt tot algemene verontwaardiging opnieuw

een 'Rooyens' afgescheept met een eervolle vermelding.

 

In november 1970 zendt de AVRO, het in 1969 door de WDR-Bavaria

geproduceerde Esthercolor uit, een vijftig minuten durende special

rond de Israelische zangeres Esther Ofarim. Het is een ontroerende

show rond een multi getalenteerde internationale beroemdheid, dit keer

niet gedraaid met televisiecamerass maar met 35mm filmcamera's. De

show kreeg een extra emotionele lading omdat Bob Rooyens haar na

haar scheiding van echtgenoot Abi, voor de eerste keer solo voor de

Duitse televisie wist te halen. Het regiewonder uit Holland, zoals onze

oosterburen hem omschrijven zorgt, voor een popspektakel van

internationaal niveau, een delicatesse. De productie wordt door

London Weekend TV uitgezonden als een van 's werelds beste

televisie-programma's.

De Bavaria-Studio's in München behoren tot de belangrijkste film-

studio's in Europa. De buitengewoon succesvolle en in de persoonlijke

verhoudingen zeer prettige samenwerking, leidde ertoe dat Rooyens

de aanbieding kreeg, om binnen Bavaria een eigen unit te gaan leiden.

Later aangevuld met het verzoek om chef Unterhaltung te worden.

Zijn relatie met de actrice Marja Habraken (hoogstzwanger van hun

eerste kind) maakte een permanente verhuizing naar München tot een

lastig dilemma. Haar carriere in Nederland verliep zeer succesvol en

om die op te geven en in Duitsland te gaan wonen, was een offer dat

niet verlangd mocht worden vond Rooyens en bedankte voor de eer.

Wel bleef de band met Bavaria behouden en maakte hij voor die Studio

nog meerdere programma's, waaronder in coproductie met de Avro

6M2-NAP. 'Beat behind the dykes'. Een popspektakel dat alles

omvatte wat op dat gebied in Nederland enige naam en faam had.

De finale vond plaats in het IJsselmeer.

Tientallen muzikanten, solisten, bands en dansers werden met een

kindertreintje, aangetrokken door een tractor uit het kinderpretpark

Oud Valkenveen, kilometers ver uit de kust naar podia gebracht die

op 1 meter vanaf de bodem, net boven de oppervlakte van het water

uitstaken.

De muzikanten en dansers stonden en dansten in een bijna bijbels

religieuze setting 'op' het water. Elektronische handcamera's bestonden

niet. De opname's werden daarom met meerdere 35 mm filmcamera's

gedraaid. Dynamische beelden werden gedraaid vanuit een helikopter

en vanuit speedboten.

Helaas was de tractor nadat de artiesten waren afgeleverd stuk gegaan.

Dat dwong de artiesten om na afloop van de opname, met de

instrumenten boven het hoofd, een paar kilometer door het IJsselmeer

te waden om aan land te komen. Er zijn aansluitend aan de shoot,

wegens griep en verkoudheidsproblemen talloze optredens afgelast.

Op 30 december 1970 werd 6m2 NAP (Beat behind the dykes) uitge-

zonden.

Bij de WDR kreeg Rooyens van de Hauptabteilungsleiter Unterhaltung

und Fernsehspiel Hannes Hoff, alle vrijheid om zijn ideeën en

creativiteit te ontplooien.

Dat resulteerde in een serie programma's die als hoogtepunten in de

creatieve ontwikkeling van televisie in die periode geboekstaafd zijn.

De programma's werden in vele landen uitgezonden.

Er werden verschillende internationale seminars aan het werk gewijd

(o.a. in Montreux) en programma's als ' Dusty ', Esther Color,

HerzDamen, Männer wir kommen...

 

 

 

Esther Color.

                   

 

Männer wir kommen

 

             

HerzDamen

 

 

werden internationaal gebruikt als lesmateriaal op televisie- en

filmacademies.

 

De samenwerking tussen Rooyens, en Kraaykamp & de Gooyer besloeg

met de nodige pauzes, een periode van 1967 tot en met 1983. De

laatste uitzending van de serie Johnny & Rijk Shows (een paar apart)

kwam op 18 januari 1968 uit het RAI Congrescentrum in Amsterdam.

De haat- liefde relatie tussen beide verkeerde op een dieptepunt. Rijk

raakte ongeveer door alles wat Kraay deed geirriteerd. Kraay kon het niet

laten om Rijk te jennen en te zuigen. Er vielen klappen.

Beide hebben professioneel de uitzending afgemaakt, maar de relatie

was totaal kapot. In de zomer van 1969 wordt Rooyens door Polyphon

Produktionen uit Hamburg gevraagd, om een idee voor een

'Komische Unterhaltungsshow' voor het ZDF.

Rooyens stuurt ze een aflevering van de Johnny & Rijkshow.

Het ZDF is enthousiast en wil binnen een half jaar beginnen met de

productie van een serie. Een probleem is, dat Kraaykamp en de Gooyer

nog steeds gebrouilleerd zijn en geen weet hebben van de belangstelling

van het ZDF. In het Amsterdamse Parkhotel, belegt Rooyens een

verzoeningsgesprek waarbij hij er vanuit gaat, dat een flinke zak Duitse

Marken, de verzoening een stuk zal vergemakkelijken. De Geschäftsführer

van Polyphon Dr Peter Koster zat op zijn hotelkamer te wachten op een

telefoontje van Rooyens om zo mogelijk meteen spijkers met koppen te slaan.

Die verzoening bleek uiteindelijk niet zo moeilijk. Hoewel het twee totaal

verschillende persoonlijkheden zijn, hebben beide groot respect en

waardering voor elkaar's talent en kunnen. Soms vertroebeld door

afgunst, soms vertroebeld door overschatting of door irritaties maar zich wel

bewust, dat de combinate van beiden (op dat moment in tijd), sterker was

(en financieel waardevoller) dan een solocarriere.

Kraaykamp was in topvorm. Hij verlangde van Köster 50% meer gage

dan werd geboden. Het ging in zekere zin voor beide heren, in vergelijking

met Nederlandse gages om astronomische bedragen.

Rijk keek Johnny verbijsterd aan. Köster weigerde, waarop Kraaykamp

pokerde. Hij stond op en wilde vertrekken.

Uiteindelijk kreeg Kraaykamp wat hij verlangde. De Gooyer zat lachend

toe te kijken. Een slecht onderhandelaar maar een groot levensgenieter.

Dat gewenste zwembad bij zijn huis in Giethoorn kon gebouwd worden.

Op 26 en 27 januari 1970 werd in Studio Hamburg de eerste aflevering

van' Spasz durch Zwei ' opgenomen. Op 4 en 5 mei van dat jaar werd

de 8e en laatste show van de eerste serie opgenomen.

De serie was zo succesvol, dat het ZDF een vervolgserie bestelde. Dat

resulteerde uiteindelijk in een coproductie van vier landen. Duitsland,

Oostenrijk, Belgie en Nederland. De show werd tussen januari en mei

1971 zowel in het Duits als in het Nederlands opgenomen in Hamburg

en Hilversum. Rijk de Gooyer gaf aan het eind van de tweede serie een

interview aan de Showpagina van de Telegraaf. Dat artikel werd

overgenomen door BildZeitung en kreeg een vervolg in tal van Duitse

bladen.

De Gooyer eiste in dat interview zijn in de 2e wereldoorlog

gejatte fiets terug, liet zich laatdunkend uit over de Duitsers en zei,

dat geld zijn enige beweegreden was om de shows te maken.

De Duitse pers stond bol van de negatieve reacties en het ZDF zag

zich genoodzaakt om de samenwerking te beeindigen.

 

In 1971 bedacht Rooyens voor de WDR, samen met de Belgisch-

Franse kunstenaar Guy Peellaert (Bedenker van de Stripfiguur ' Pravda

la Survireuse ' en de tekenaar-schilder van ' Rockdreams ') een absurde

persiflage op Helsa Poppin.

Het programma onder de titel Mariechen sasz weinend im Garten

was een pastiche van sublieme kitsch, anachronismen en satire.

Zangsolisten zongen, vol gloed en overtuiging van het eigen talent

volkomen vals. De Bacharach-song This guy's in love with you werd

gezongen door een als G.I. aangeklede zanger in een zilver gespoten

battledress. Op de achtergrond vond in een overdaad aan actie het

planten van de vlag plaats op het eiland Iwo Jima, met als apotheose

en eindbeeld een citaat van Joe Rosenthal's beroemde foto.

 

 

Verovering van IWO JIMA:

                                                  

 

Othello speelde de sterfscene in een ommuurde woestijnburcht.

In de verte galoppeerde een karavaan voorbij van pakjes

Camelsigaretten. Een ridder te paard galoppeerde Othello's oase

binnen en roofde 1 van de zeer schaars geklede haremdames.

Honden klommen in bomen, de parelvissers gingen, te zwaar

beladen met gewichten, zingend ten onder in een zwembadje.

 

In datzelfde jaar maakt Rooyens, ook voor de WDR, een serie

satirische programma's onder de titel Meerschweinchen Revue.

Leading character was de toen nog redelijk onbekende acteur

Harald Junke, het latere kijkcijferkanon van het ZDF.

 

Met Vivi Bach maakte hij de personalityshow Vivat Vivi.

 

 

 

In 1972 kreeg Rooyens van de EBU (gezamenlijke Europese publieke

omroepen) het verzoek om een programma te concipieren dat, ter

gelegenheid van het 50 jarige jubileum als cadeau kon worden

aangeboden aan de BBC. Het programma werd gepresenteerd door

Peter Ustinov.

Voor de finale vroeg Rooyens aan Hans van Hemert een lied te

schrijven voor een koor van continentale sterren.

Artiesten, waaronder b.v. Hildegard Knef, wilden graag mee-

werken, maar konden door allerlei verplichtingen niet naar de studio in

Hilversum komen. Met een muziekband onder de arm, reisde Rooyens

Europa door om op basis van een storyboard solisten tegen chromakey-

blauw hun stukje in te laten zingen. Een soort ' This is the world ' avant la

lettre. De techniek werkte prima en de BBC was zeer verguld met het

geschenk. Titel van programma en lied: Thank you Auntie.

(Auntie is het koosnaampje van de Britten voor de BBC)

 

Op 2 november 1972 zendt de Vpro, live een door Rooyens bedacht

familiespel uit onder de titel: Demokratie. Twee gezinnen krijgen een

maandbudget en worden, gegidst door Joop van Tijn, geconfronteerd

met normen, waarden en spelregels van de samenleving. Waar liggen

de grenzen van nuttig en nodig en van bureaucratisch en betuttelend?

Hoe alert en assertief wordt er gereageerd op prikkels van agressiviteit

en hulpbehoevendheid?

 

Wanneer ben je te goedgelovig en wordt je belazerd? Het programma

kwam uit de Meerpaal in Dronte. Het speelde zich af in een stadsomgeving

met wisselende speelplekken. Opdrachten varieerden van de aanschaf van

een 2ehands auto (autoverkoper Tonio Hildebrand) tot boodschappen doen

in de supermarkt (kijk wat je koopt, let op wat je betaalt) van klein

gesjoemel, tot stevig bedrog. De gezinnen verplaatsten zich per witkar door

het speelveld. Het programma kende de primeur van het eerste live

(telefonische) referendum. Er waren dilemma's uit de actualiteit waarop

de kijkers konden reageren met een ja- en een nee-nummer.

 

In najaar 1972 voor uitzending 8 januari 1973 maakt Rooyens een

personalityshow rond het vroegere tieneridool Heidi Brühl. Na een

verblijf van jaren in Amerika, waar ze na haar huwelijk met

Mr. Universe, werkte aan een film- en tv-carriere was ze weer een

tijdje in Duitsland. Het tienersterretje had zich ontwikkeld tot een

echte comedienne en een sterke persoonlijkheid.

 

 

 

Voorjaar 1974 wordt Rooyens door de net beginnende producent Joop

van den Ende gevraagd om de regie te doen van de muzikale comedy-

serie Citroentje met Suiker. Het programma is de opvolger van het

succesvolle ' t Schaep met de vijf Pooten ' . (8 afleveringen) De cast is

nagenoeg gelijk, met in de belangrijkste rollen: Adele Bloemendaal,

Piet Romer en Leen Jongewaard. Er werden 16 afleveringen

geproduceerd en uitgezonden.

 

 

 

Auteur van beide series is Eli Asser. Een graverend verschil is de

populariteit van de liedjes. Niemand zal een aflevering van ' t Schaep

of Citroentje kunnen navertellen. De liedjes van ' t Schaep

daarentegen zijn evergreens geworden van het Nederlandse muzikale

erfgoed. Bijvoorbeeld: Als je mekaar niet meer vertrouwen kan...

en ' t zal je kind maar wezen.. ' De componist van ' t Schaep was

Harrie Bannink. Na een conflict met Eli Asser, weigerde hij zijn

medewerking aan Citroentje.

 

Voor de ARD (WDR) schrijft en regisseert Rooyens een amusement-

programma dat ingaat op de vooroordelen die de bewoners van het

ene land hebben over de bevolking van het andere. Onder de

titel: Whisky, Käse, Sauerkraut worden door, onder andere het

absolute Duitse kijkcijferkanon Peter Frankenfeld, de Deense

zangeres Gitte en de Ierse Gilbert O ' Sullivan, muzikaal zowel als in

sketches en flimclips, bestaande vooroordelen op de hak genomen.

Het programma leidt voor Gilbert O ' Sullivan de switch in van crisis-

outfit naar modern entertainer. Op 12 juni 1974 wordt de show uitge-

zonden.

Voor de Avro produceert en regisseert hij in dat jaar een show met

Liesbeth List en met Gilbert O ' Sullivan ditmaal een kerstspecial. Dat

programma met veel nieuw O ' Sullivan repertoire, waaronder I ' m not

dreaming of a white Christmas, wordt tevens een emotionele

confrontatie met zijn fans. Sonja Barend haalde de fans op in Londen

en reisde per bus met ze mee naar de studio in Hilversum. In de

gesprekken die zij onderweg voerde fileerde Sonja feilloos de ziel, overgave

en toewijding van de fan.

 

 

In 1975, na een pauze van 3 jaar, lijkt de tijd rijp voor een nieuwe serie

shows met Kraaykamp en de Gooyer. Rooyens is nu niet alleen de

producer en regisseur, maar treedt tevens op als producent. Kort

voordat de eerste aflevering zal worden opgenomen, trekt de Gooyer

zich terug. Kraaykamp is kwaad en teleurgesteld. Hij wil absoluut

doorgaan. Dan maar zonder Rijk. De zender (Tros) kan het niet schelen

of de Gooyer wel of niet meedoet, als Kraaykamp alleen verder wil,

is het wat hen betreft in orde.

Rooyens weet de Gooyer te behouden als teksteditor en trekt Adele

Bloemendaal en Albert Mol aan als aangevers.

 

     

 

Toon Hermans schrijft speciaal voor Kraaykamp een aantal liedjes.

Op 6 oktober 1975 wordt de eerste Johnny Kraaykamp- show

uitgezonden.

 

                 

 

                

 

 

 

 

 

 

        

 

 

 

Na die eerste show wordt Adele ziek en een paar dagen voor opname

van de 2e show, vervangen door Rita Corita.

 

          

 

Hoewel de eerste show buitengewoon succesvol was (kijkdichtheid

boven de 60%) miste men toch het geniale samenspel met Rijk.

Tijdens de periode dat Rooyens met Kraaykamp en de Gooyer in

Hamburg woonde, speelde het duo voortdurend de act van twee oude

homoseksuelen die samen op een flatje woonde. De Gooyer speelde

het mannetje Herman en Kraaykamp speelde het vrouwtje Babs.

Het was een hilarische act met als enig publiek Rooyens. Niet alleen

genoten beide van het rollenspel, maar het had tevens een voortreffe-

lijke therapeutische werking. In de rol konden ze veel van hun weder-

zijdse ongenoegens kwijt, waardoor er in de werkelijkheid harmonieus

en vriendschappelijk kon worden samengewerkt.

Rooyens stelde voor, om die act in de vorm van een kookrubriek in de

show op te nemen. Herman & Babs met recepten uit grootmoeders

keuken. Beiden vonden het een leuk idee en onderhuids begrepen ze

heel goed, dat dit een prachtige aanleiding was, om de samenwerking,

zonder gezichtsverlies voor wie dan ook, te hervatten.

Het had even geduurd, maar bij de tweede show had Rooyens de

samenwerking tussen het duo, hersteld.

 

Er zijn 4 Kraaykampshows gemaakt.

 

In de jaren daarop volgend opereert Rooyens als regisseur, producer

en producent van eigen concepten. Voor de KRO ontwikkelt hij de serie

The Allrounders. Een grootse sportcompetitie tussen coaches vanuit

Het Ahoy sportpaleis. Het draaide daarbij niet om flauwe spelletjes zoals bij

sommige sportshows uit die tijd, maar het ging om echte sport en de

beinvloeding van de resultaten door slimheid en inzicht van een echte

sportcoach.

Voor de Tros produceerde hij de comedy-serie Humbug en verder veel

opdrachten die buiten de directe televisiesfeer lagen, zoals commercials

films voor Universiteiten en voor het bedrijfsleven.

Met de NDR in Hamburg werkt hij aan een groots opgezette versie van

Alice in Wonderland. Nadat heel veel preproduction werk verricht

was, bleek de zender uiteindelijk niet in staat om het project financieel

rond te krijgen en verdween een half jaar werk in het afvalputje. Maar

ook die ervaringen zijn deel van het werken als free-lancer.

 

Begin 1977 zendt de KRO een, door Rooyens zelf geproduceerde,

vijftig minuten durende special uit met Liesbeth List en Charles

Aznavour. De Franse zanger is niet zo gewend aan de werkwijze van

producent/regisseur Rooyens. List is veel lovender: ' Bob is fantastisch,

soms heeft hij zulke geniale ideeën dat je mond openvalt van

bewondering '.

 

In mei en juni 1977 is Rooyens weer te vinden in Keulen. Hij werkt aan

aan aantal producties voor de WDR, waaronder een muzikale special

rond Vicky Leandros. Dat programma heeft een opmerkelijke voorge-

schiedenis. In een eerdere WDR-productie had Bob samengewerkt met

Olivia Newton-John. Beide waren daar erg enthousiast over en in

samenspraak met Hannes Hoff Haubptabteilungsleiter der Unterhaltung

werd afgesproken om een special aan haar te wijden.

Rooyens bedacht een concept, zocht met Olivia het repertoire uit en

werkte met ontwerper Peter Gabrielse aan een ' hoogblond ' decor

vol met dieren en planten. Een paradijselijke setting.

Drie weken voordat het programma zou worden opgenomen vertrok

Rooyens met een kleine delegatie van de WDR naar Londen om de

laatste puntjes op de i te zetten. Olivia had een gastoptreden bij de

BBC en daar zou men elkaar treffen. Bob ging met Olivia aan het werk.

Vertelde wat hij wilde gaan doen, toonde decor-schetsen etc. Intussen

sprak de productionele delegatie van de WDR met het management over

nog wat details in het contract. Daarbij waren ook een paar jonge

Amerikaanse producers aanwezig die, naar al snel bleek, Olivia in Los

Angelos wilden testen als partner voor John Travolta in de film Grease.

Olivia zou de Show in Keulen alleen kunnen doen, als de screentests

voor haar negatief zouden uitpakken. Aangezien het contract met de

WDR nog niet getekend was, voelde het management van Olivia zich vrij

om in het belang van haar carriere de kans die geboden werd, te

benutten.

Terug in Keulen werd besloten om de screentest niet af te wachten

en binnen de resterende tijd zo snel mogelijk een andere artiest (e) te

zoeken. Er werden lijstjes gemaakt met mogelijke kandidaten. Carly

Simon, Linsey de Paul, Melanie. Persoonlijkheden met een grote

aantrekkingskracht die tevens qua repertoire heel goed zouden

passen in de decors. Carly Simon, had verplichtingen en viel af. Melanie,

verlangde dag en nacht een witte Limo ter beschikking. First class tickets

voor een absurd aantal persoonlijke begeleiders en nog zo het een en

ander. Melanie  viel ook af.

Linsey de Paul was meteen enthousiast. Bob, voerde lange telefoon-

gesprekken met haar die het wederzijdse geloof in een mooi programma

enorm prikkelden. Inmiddels waren er nog maar twee weken tot de

eerste studiodag. De avond voordat Bob naar Londen zou gaan ter

voorbereiding, belde Linsey hem op. Met een nauwelijks verstaanbare

stem, raspte ze haar leed. Zware keelontsteking. Kon de show worden

uitgesteld. Nee! Dat kon niet. Exit Linsey.

Wat nu? Tijd begon te dringen. Hannes Hoff dacht aan Esther Ofarim.

Bob had aan de film die hij in 1970 met Esther gemaakt had een zeer

goede band met haar over gehouden. Er was echter wel een probleem.

Esther had besloten om een pauze te maken in haar carriere. Ze had

zich teruggetrokken in Israel. Bob telefoneerde met haar, maakte haar

enthousiast voor een vlammend heroptreden. Ze dacht een dag na,

waarna ze Bob belde en vroeg of hij naar Tel Aviv wilde komen.

Dezelfde dag was Bob onderweg naar Israel. Drie dagen werd er

intensief gesproken en naar repertoire gezocht. Zodra een repertoire-

keuze was gemaakt, werd die doorgebeld aan arrangeur Klaus

Doldinger. De tijd drong. Opgelucht en met groot enthousiasme reisde

Bob terug naar Keulen. Een dag later belde Esther op. Ze had er nog

eens over nagedacht en durfde het toch niet aan. De tijdsdruk was te

hoog. De domper was enorm!

Er bleven nog 5 dagen over tot de eerste opnamedag en nog steeds

geen performer. Gedurende de tijd dat Bob in Hamburg woonde was

hij een huisvriend van papa ' Leo en Vicky Leandros ' .

Vicky! Waarom niet eerder gedacht aan Vicky? Bob belde haar op.

Vicky was verguld, papa Leo ook.

De show was gered.

 

Op 27 oktober 1978 wordt Rooyens ' s middags gebeld met het verzoek

om die avond de bijzondere aflevering van Voor de Vuist weg te

regisseren. De vaste regisseur Theo Ordeman was onwel geworden en

niet in staat om het programma die avond te leiden. Bijzonder is dat het

programma 15 jaar bestaat en voor Rooyens is het voor één keer de

terugkeer bij het programma, dat hij zelf in 1963 is begonnen.

't Spektakel was als vanouds. Onder de gasten een kerel die zichzelf in

brand stak. Hildegard Knef die met kanker in haar lichaam vertelde hoe

zij leefde in geleend tijd. De aardapelboer Dutmar die na de verkoop van

bintje en eigenheimer, 's avonds toneelstukken schreef en die door Rooyens

zelf nog geresearched was voor de allereerste Vuist.

 

 

In januari 1979 voert Rooyens de regie van een muziekspecial rond de

groep The Rainbow Train van Hans Vermeulen.

Het is, Gerrit den Braber die na zijn terugkeer bij de Avro als hoofd

amusement, Bob weet te verleiden tot een nieuwe zeer actieve periode

voor die omroep.

In maart van dat jaar begint hij onder de titel: ' Zit dat zo...? ' een serie

politieke praatprogramma's met als ' anchor ' Mr. G.B.J. Hilterman.

Het programma kende heftige discussies, waarbij de emoties bij het

geengageerde studiopubliek soms hoog opliepen. Het was voor Mr.

Hilterman een wonderlijke overgang van zijn, tot dan toe, reguliere

voor 1 camera uitgesproken commentaren, naar een discussie-

programma met diametraal tegenover elkaar staande kemphanen.

Hilterman keerde na 1 seizoen terug naar zijn oude, vertrouwde vorm.

 

Hij is de bedenker van ' Avro's Laatshow ' een talkshow op de late

avond met drie presentatoren, drie gasten, drie gesprekken volgens

het zwaan kleef aan principe. (Gasten schoven na elkaar aan,

bleven zitten en discussieerden mee). Het thema van het slotgesprek

was voor de gasten een verrassing. Het kriterium daarvoor was een

heftige ervaring die de drie gesprekspartners met elkaar deelden.

Hij regisseert het concert van John Denver en met fotograaf Anton

Veldkamp maakt hij een serie documentaires onder de titel Man in

Action. Veldkamp, gekleed in een witte outfit, geladen camera's als

colts bungelend aan een belt benaderde de protagonisten o.a.:

Broeder Maasbach  en Anton Heyboer als onderwerp voor een

fotoshoot, waarbij hij haast achteloos tussen het fotograferen door, vragen

stelde in een sfeer die verraderlijk afleidend was. Het gesprek leek

ondergeschikt aan de uiterlijke fixatie op de fotografie. Dat schiep een

ambiance die verleidde tot openhartigheid.

Rooyens is de producent en regisseur van een concert met de op dat

moment razend populaire Julien Clerc.

 

Zowel in 1979 als in het daaropvolgende jaar maakt Rooyens opnamen

gedurende het drie dagen durend North Sea Jazz Festival  in het

Congresgebouw in Den Haag. In 1979 zet de AVRO de Ramblers

in het zonnetje. Rooyens regisseert het afscheidsconcert ' Farewell

Blues ' Nog 1 keer The Ramblers.

In 1980 mogen een aantal Nederlandse artiesten hun favoriete nummer

aanvragen. De regie van Muzikale hartewensen is in handen van Bob

Rooyens. Enkele maanden later worden de hoogtepunten van een

jubileumoptreden van de Dutch Swing College Band door Rooyens

op het scherm gebracht.

In 1981 overtuigd Rooyens de AVRO programmaleiding ervan om een

programma rond Liesbeth List en Ramses Shaffey te produceren. Hij

schrijft, produceert en regisseert Liesbeth en Ramses een opmerkelijke

productie die door de Werkgroep Amusement van de NOS geselecteerd

wordt als Nederlandse bijdrage aan het Gouden Roos-Festival.

De Zilveren Roos wordt op het nippertje gemist en wederom krijgt een

Rooyens productie een eervolle vermelding.

Dit dateert uit de tijd dat het Gouden Roos Festival, slechts drie rozen

te verdelen had op 35 a 40 meedingende producties. Vanaf onge-

veer 1990 kent het festival categorieen en zijn er op hetzelfde aantal

producties inmiddels zo ' n 18 rozen te verdelen. De uitholling van het

festival heeft daarmee het peil bereikt waarop zo'n 1 op 3

ingezonden programma's met een roos naar huis gaat.

Later in dat jaar wordt Liesbeth en Ramses wel onderscheiden met de

prestigieuze Premio Ondas in Barcelona.

 

 

In januari 1981 zendt de AVRO, de in 1979 en 1980 gemaakte film

' Toots ' uit. Het is een in opdracht van de WDR, door de Bavaria-

studio's in München geproduceerde documentaire over de wereldwijd

bewonderde en gerespecteerde muzikant Toots Thielemans.  Bob

volgt Toots op zijn muzikale reizen door de wereld. Hij voert

gesprekken met hem voor de legendarische Cottonclub in New York,

bij het Apollo Theater in Harlem en is getuige van ontmoetingen en

jamsessions met grote namen uit de Jazz. In  New Jersey bezoekt

Toots thuis de pianist Bill Evans. Met 1 hand in het gips gaat Evans

achter de vleugel zitten. Toots vist zijn ' broodje ' uit zijn jaszak en beide

spelen met kinderlijk plezier, de sterren van de hemel. Het zal de laatste

vastgelegde muziek zijn van Bill Evans. Een week later overlijdt hij.

 

Rooyens regisseert in april 1981 het live-optreden van de Canadese

zangeres Anne Murray in de RAI. Het ' Anne Murray in concert ' wordt

in twee delen op het scherm gebracht. Ook in '81, maakt hij met

Toon Hermans een film in Gstaad. Een programma met liedjes,

overpeinzingen en verrassende humorvolle Toon-monologen.

In zijn boek: Ik heb het leven lief, schrijft Toon op pag.154 daarover:

 

Bob

Onlangs stond ik op een 2300 meter hoge berg, in de sneeuw en in de

kou, om een tv-opname te maken van een liedje. ' Mijn moeder met die

twee lieve handen had het moeten weten ', stond ik daarboven op die

bergtop te denken, terwijl de camera als een soort elektrische hond om

me heen dolde. Ik vond het een geweldige belevenis.

Kun je je voorstellen, als je altijd hebt staan zingen op een toneeltje van

acht bij tien, aan alle kanten (behalve aan de voorkant uiteraard)

afgebakend met donkere coulissen, kun je je voorstellen, als je altijd

hebt staan zingen in die kleine ruimte, wat er met je gebeurd als je dan

op je vierenzestigste ineens met je deuntje onder de open hemel

staat... met je voetjes in de sneeuw? En dan zo ' n man als Bob, die je

duidelijk aanzet dit te doen....nee, laat ik maar zeggen ' aansteekt ', want

dat is weer het vuur dat je nodig hebt, het vuur dat de sneeuw doet

smelten, het vuur van het leven.

 

De jaarlijkse uitreiking van de Gouden Harpen wordt zowel in 1981

als 1982 door Rooyens geproduceerd en geregisseerd. De stichting

Conamus verzorgt – in samenwerking met de AVRO – deze

onderscheidingen voor Nederlandse artiesten, musici, componisten en

tekstschrijvers.

In 1982 laat Rooyens weer van zich spreken met ' The young

messiah ' (AVRO). Handels oratorium in een modern jasje gestoken

door Tom Parker. Het wordt niet alleen een muzikaal, maar

tevens een boeiend visueel spektakel. Rooyens zorgt voor ongewone

locaties, zoals een kerkhof voor de afgedankte goederen van een

overspannen consumptiemaatschappij, een afvalberg met auto's,

koelkasten en wasmachines. Halleluja!

Het IJsselmeer, waar de solisten in heilige navolging over het water

liepen. Halleluja!

Een zingende zwarte engel, vastgebonden aan de voorkant van een

Amsterdamse tram reed tot ergernis van een aantal passanten,

door de Leidsche Straat en over het Rokin. Halleluja!

Tussen de schapen in een wei in Nigtevecht.

Over de opnamen in de wei

merkt soliste Madeleine Bell op: ' Het was steenkoud en om dan in alle

vroegte tussen het Nederlandse vee te staan, is geen pretje '.

 

 

Voor de WDR ontwikkelt en regisseert Bob in 1982 een serie shows

onder de titel Telezirkus. Een rondreizend familieprogramma vanuit de

circustent van het circus Williams-Althoff. Naast circusacts met

wereldfaam, zijn er optredens van nationale en internationale

performers. (van Valente tot Bee-gees van Roger Whittaker tot

Dalida) Het programma kent verder interviews en interacties met het

aanwezige publiek, roept in een live-actie kijkers op om naar de tent te

komen teneinde een wens of fantasie te realiseren en biedt interviews

en participatiespellen met prominente publieke figuren uit de Duitse

samenleving. Een populair onderdeel was de tas. Het publiek werd ge-

animeerd, om een tas vol allerhande voorwerpen mee te nemen

naar de tent. Als er in de tas van de presentator overeenkomstige

artikelen voorkwamen, dan kreeg de bezitter ervan mooie prijzen en

participeerde in een aantrekkelijk publieksspel. Het programma evalueert

tot de ARD zaterdagavondshow en zal 3 jaar lopen.

 

   

 

 

Telezirkus  is het model waaraan Willem Ruis  in 1985 zijn

Sterrenshows ontleend.

Hans Peters, Vara-producer van de Willem Ruis shows, groot

circusliefhebber en vader van twee zoons met een internationale

circusact, dook wel eens op als de reportagewagens van de

WDR weer bij de circustent van Franzi Althoff geparkeerd stonden.

 

Die ambiance wilde Hans Peters ook voor de nieuwe serie shows met

Willem Ruis.

Hij vroeg aan Rooyens videobandjes van Telezirkus om Ruis (die

aanvankelijk niets in het idee zag) te kunnen overtuigen.

Uiteindelijk ging Willem om en waren de Sterrenshows in de tent geboren.

Bob werd gevraagd voor de regie, maar had door een overvolle agenda,

slechts tijd om het eerste jaar 2 uitzendingen te regisseren. Het jaar daarop

(toen de Vara bijna failliet was en de tent niet meer reisde maar vast

geparkeerd stond in Utrecht) heeft Rooyens de regie gedaan van de hele

serie. Maar daarover later meer.

 

Ook de rechtstreekse uitzending van het Nationaal Songfestival in

1983 is in handen van Rooyens. In hetzelfde jaar regisseert Rooyens

een scala aan programma's, waaronder met Rijk de Gooyer de serie

Komt Rijk komt raad. Een absurde show waarin Rijk het als een soort

ombudsman opnam voor veelal gefingeerde slachtoffers van de

bureaucratie. Avrodirecteur Siebe van der Zee, vond het allemaal

veel te ver gaan en stopte de serie voordat de 2e aflevering werd

uitgezonden.

 

 

Met interviewer Ruud ter Weyden maakt hij portretten met Harry

Belafonte en Liv Ullmann. Tijdens de opname met Belafonte

gebeurde er iets opmerkelijks. De opname vond plaats in een lege

bioscoop. Een uitgelezen mogelijkheid om Belafonte visueel te confron-

teren met zijn eigen werk en zijn maatschappelijke betrokkenheid.

Als voorvechter van gelijke burgerrechten had hij van nabij

in staten als Alabama de haat en afkeer tegen mensen met een zwarte

huid ervaren. Rooyens had kort voor de opname plaats zou vinden, op

een rommelmarkt in een bak met grammofoonplaten een LP gevonden

met de titel The Kennedy Dream. Het betrof een verzameling van

belangrijke speeches van John F. Kennedy die door de jazzmusicus

en componist Oliver Nelson muzikaal waren ingebonden. Een sterk

historisch document, waarvan de lading door de geschiedenis een

diepe, veelbetekenende emotionele intensiteit had gekregen. Belafonte

raakte sterk geemotioneerd toen geheel onverwacht Rooyens de track

The rights for all afspeelde. De stem van Kennedy vervloeide in de

tranen van Belafonte. Een aangrijpend moment.

 

Met als co-auteur de Oostenrijkse kunstenaar Andre Heller schrijft en

regisseert Rooyens eind 1983 de prestigieuze familie kerstshow

Wunderland. ' Das Meer der Phantasie '.

Artdirector is de chefontwerper van de Bavaria-studio's, Rolf

Zehetbauer. (ontwerper van onder meer de films Das Boot en Never

ending story). Budget de voor die tijd gigantische som van 2 miljoen

D.Mark. Locatie is studio 5, de grootste filmstudio van Bavaria. De

televisietrein komt van de WDR in Keulen, de opnametechniek is van

het ZDF uit Mainz. De cameraploeg en director of photography komen

van de Bayerische Rundfunk, studio personeel en belichters zijn van

de Bavaria Studio's.

Gustl Bayrhammer beroemd en geliefd acteur voerde de kijker mee

in een wereld waarin alles mogelijk is, als je er maar in wilt geloven.

Boven de zee van de fantasie hangen tientallen regenbogen, er rijzen

eilanden op met complete circussen, er vaart een galjoen langs met een

luidruchtig zingende Asterix en Obelix. Kanonnen vuren luchtballons,

het boegbeeld is een aantrekkelijke vuurspugende zeemeermin. Vanuit het

kraaiennest blaast een kraai de hoorn. Jeugdhelden maken hun

opwachting. Van Pinokkio tot Räuber Hotzenplotz, van Winnetou tot

Donald Duck in een onderwater ' drive-in ' movie, van Tijl Uylenspiegel

tot Pipi Langkous.

 

 

 

Eveneens in het najaar van 1983 produceert en regisseert Rooyens

een 'special' met de Engelse vocalgroup Wall street Crash. Een

samenwerking die zo goed bevalt, dat voor het jaar 1984 een serie

shows met de groep gepland en ook geproduceerd wordt.

 

In 1984 wordt Rooyens benaderd voor een coproductie van de

Romanian Television Radio en de AVRO. Middelpunt van de

muziekspecial zijn zangeres Therese Steinmetz en haar Roemeense

collega Angela Similea. Dit programma met de titel 'It's all in the game'

wordt de Roemeense inzending voor het Gouden Roos Festival 1984

en voor het eerst in de geschiedenis van de Roemeense Televisie wordt een

programma in Montreux onderscheiden. Het programma valt net buiten

de rozen maar wordt apart geëerd met een Honorable Mention.

 

 

In 1986 maakt Rooyens voor de NPS een documentaire over het

"North Sea Jazz Festival".

In 1987 verzorgt Rooyens het televisieconcept en de regie van het gala

ter gelegenheid van het honderdjarige bestaan van Theater Carre. Dit

"Gala van de eeuw" wordt onder andere door koningin Beatrix en prins

Claus bijgewoond. De finale van het programma was de bekendmaking

en uitreiking van een door Carre ingestelde nieuwe theaterprijs,

'De Clown'. De prijs viel toe aan Toon Hermans. Rooyens

had voor de opkomst van Toon een speciaal effect voorbereidt.

Aan een toneeltrek was een op afstand bestuurbare camera

opgehangen. Bij de opkomst van Toon, zou een toneelmeester die trek

razendsnel laten zakken tot ongeveer 30 cm boven de grond. De repetities

verliepen vlekkeloos. Toen het erop aankwam glipte het touw door de man's

handen en knalde de camera stuiterballend tegen de vloer.

 

Drie dagen daarvoor was Rooyens met zijn vaste team neergestreken in

het Sportpaleis Ahoy in Rotterdam om daar de regie te voeren over het

Gala of the year 1987, het indrukwekkende showspektakel van en rond

Lee Towers.

 

Rooyens is ook tweemaal regisseur van het muzikale VARA-paradepaardje

"Kinderen voor kinderen".

Door een conflict met de Vara haakt Freek de Jonge af als presentator.

Rooyens besluit om van een presentator af te zien en de kinderen zelf

over de thema's die in de liedjes worden aangesproken, aan het woord te laten.

Het resulteert, mede door de volstrekt afwijkende vormgeving van het

tot dan toe nogal brave, beetje tuttige kindertoneel, in openhartige,

geestige uitspraken en ontroerende bekentenissen van de jonge

koorleden. Het programma wordt de nationale inzending naar het

' Gouden Roos Festival '  in Montreux en wint daar de Bronzen Roos.

Later wordt het programma ook nog onderscheiden met de Gouden

Antenna voor beste productie, beste regie en beste vormgeving.

 

Vanaf 1986 hernieuwd hij de samenwerking met Joop van den Ende en

regisseert Rooyens talloze amusementsproducties waaronder:

Wedden Dat, Sterren PlaybackShows, Harten Gala's

Showmasters, Los Vast, Way of life, Soundmix Finales.

 

In Duitsland regisseert hij voor de SüdwestFunk Baden Baden de

Michael Schanze Shows, voor Radio Bremen in co-produktie met

de WDR heeft hij de 'Gesammtleitung und Regie' van een serie

zaterdagavondshows onder de titel Noten für Zwei.

 

 

Herbert Feuerstein, uitgever van de Duitse Mad, een klein,

intelligent en grappig mannetje, verleidt Rooyens tot het bedenken van

een vormgevingsconcept rond de door hemzelf bedachte antiheld

Dr.Winter. Het wordt een combinatie van live-action, graphics en

animation. Het is een nieuwe vormgeving die al heel snel, gretig wordt

gecopieerd.

De eerste aflevering is in 1984 en tot 1988 worden er meerdere

series geproduceerd.

 

 

In september 1986 organiseert de ARD in Keulen een internationaal

congres over Television Design. Rooyens is 1 van de sprekers en

maakt er een documentaire over.

 

Samen met zijn vriend Peter Rüchel, (bedenker en drijvende kracht

achter Rockpalast) ontwikkelt hij dat jaar een vrolijk kerstprogramma

met een charitatief doel ,in de tent van het beroemde circus Roncalli,

onder de titel Hoppla Herzchen.

 

In 1987 gaat hij samen met Rüchel naar Israel om met een live concert

van de maatschappelijk zeer betrokken rockstar Shalom Hanoch de

Duits-Israelische Jugendtag te vieren. Het concert komt uit Sultan's

Pool een sfeervol openluchttheater onder de muur van Jerusalem.

 

Begin maart 1988, wordt Rooyens door de NOS gevraagd, om het

openingsprogramma van het 3e Net te maken. De regisseur die al

geruime tijd aan het project werkt, ziet het niet meer zitten en meldt

zich ziek. Het programma is bedoeld om de kijkers inzicht te geven in

de programmering die het 3e Net zal gaan bieden. Men heeft er

twee jaar aan voorbereid en nu 4 weken voordat het programma moet

worden uitgezonden hoort Rooyens de inventarisatie aan.

Dimitri Frenkel Frank, werkt aan een filmclip van een minuut of 6

waarin hij de rol van Net 3, als aanjager van de Nederlandse speelfilm

belicht.

Verder bereidt regisseur Frans Weisz een toneelscène voor waarin

verschillende genres met elkaar verenigd worden. (Net 3 biedt het

Nederlandse drama een open huis en veel armslag.)

2 Thema's waarover Rooyens zich geen zorgen meer hoeft te maken.

Van de 120 minuten programma blijven er, na twee jaar voorbereiding

nog 108 over om in 4 weken in te vullen tot interessant programma.

Titel van het programma: Net wat je zoekt.

Een dramaturgie is er niet. Men had onder anderen wel eens ge-

sproken met Peter Faber als mogelijke presentator, maar

wat hij zou moeten presenteren was nooit geconcretiseerd.

Rooyens ontwikkelt een concept en bedenkt als vorm een oneindige

(360 graden) studiogang. Samen met ontwerper Roland de Groot gaat

hij aan de slag om het programma een gezicht te verschaffen.

De Groot zorgt binnen de kortste keren voor een sublieme vormgeving.

Die snelheid was noodzakelijk omdat er, gelet op de korte nog

resterende tijd, dringend gebouwd diende te worden. De gang moet

de vitaliteit, dynamiek, creativiteit en ambitie visualiseren van het

nieuwe net. Er is letterlijk dag en nacht gewerkt, om het programma

inhoudelijk van de grond te tillen, tekstschrijvers aan het werk te

zetten, componisten aan te sturen en medewerkers (artiesten,

acteurs/actrices, kunstenaars, filmers, zangers/zangeressen,

dansers, prominenten en figuranten) te engageren. Een gigan-

tische organisatie en planning die vanwege een professioneel

ijzersterk productieteam uiteindelijk vlekkeloos verliep.

Frans Weisz, zorgde nog voor een verrassing. Roland de Groot

had hem gesproken en geinformeerd naar zijn wensen voor het

ontwerp. Weisz, was er met de tekstschrijver nog niet uit en kon

slechts het allesomvattende basisidee vertellen. Daarop tekende

de Groot een decor. Weisz was er niet helemaal happy mee, maar

kon bij gebrek aan een definitieve versie van het script, de Groot niet

uitleggen wat hij veranderd zou willen zien. De decorbouwers konden

niet langer wachten. Toen het decor in de studio stond kwam Weisz

kijken en verlangde allerlei mutaties. De Groot gaf er de brui aan en

vertrok. Rooyens, de overall regisseur, werd met de problemen

geconfronteerd. Hij liet een aantal elementen, die de dramaturgie van

Weisz in de weg zaten slopen en drong er bij hem op aan om te beginnen

met de camerarepetitie.

Weisz zei, dat hij geen camerascript had en ondanks de afspraken die

daar met hem over waren gemaakt, ook niet van plan was in de regie

te gaan zitten. De tijd drong. Rooyens, pakte een script, repeteerde

2 keer, coupeerde de scène en zette die op tape.

Zeer motiverend bij de hele productie was de altijd inspirerende aanwezigheid

van Peter Faber. Hij bleek met zijn talenten het perfecte vehikel om een

interessant en geslaagd programma af te leveren.

 

10 september 1988 "Haal 't doek maar op"

Vanuit de Stadsschouwburg Amsterdam, de uitreiking van de

theaterprijzen. Het programma werd gepresenteerd door Annemarie

Oster en een stoet van prominenten uit de wereld van theater en

kunst. Het was een live-programma. Tijdens de uitzending klonk er

vanuit een aanliggend cafe op het Leidsche Plein zulke luide muziek,

dat het in de uitzending te horen was. Rooyens ' zoon Rinke, die uit be-

langstelling aanwezig was, werd er met de productieportemonnee op

uit gestuurd om middels een rondje van de crew, de muziek te laten

zwijgen. Dat lukte! Na een kwartier begon het lawaai opnieuw. De

portemonnee moest er weer aan te pas komen en omdat men in de

kroeg begrepen had hoe het werkte, ging de frequentie ook flink omhoog.

Het programma had een mooie theatertraditie in de geest van de

Tony-awards kunnen worden, maar werd door een radicale anti-speech

van choreograaf Rudi van Dantzig om zeep geholpen. Het was een Joop

van den Ende productie en die naam stond voor van Dantzig voor alles

wat vuig en lelijk was. De theaterkunsten mochten volgens hem niet

verkwanseld worden aan kapitalistische uitbaters.

Rooyens daarover: ' Als er een is die veel, met hoge kwaliteit en met smaak aan

het theater heeft teruggegeven, dan is het Joop. Het was een belachelijke

maar effectieve actie van van Dantzig.

Een jaar later werden de theaterprijzen in een ambiance van tafelkleedjes en

rieten stoeltjes, uitgereikt in de foyer van een schouwburg. Als er nou iets treurig

was en gespeend van elke allure dan was het die bijeenkomst.

Respect voor het theater werd daar mee geen enkele dienst bewezen.

Integendeel.

 

In 1989 zendt de NOS naar aanleiding van de toekenning van de Bird

Award aan Art Blakey een twee jaar eerder door Bob Rooyens gemaakt

portret van deze drummer uit.

 

1989 Is ook het jaar waarin Joop van den Ende zijn eigen zender

TV10 wil beginnen. Op verzoek van van den Ende, concipieert

Rooyens, samen met ontwerper Roland de Groot, het grote

openingsprogramma. Alle enthousiasme ten spijt, is het er niet van

gekomen. De aanvraag voor een zendlicentie wordt door het

Commissariaat voor de Media afgewezen en van den Ende stond

met lege handen. De productiemachine van Joop van den Ende

Producties stond stil.

John de Mol was in die tijd in vergelijking met van den Ende,

een kleine firma. Het bedrijf produceerde Medisch Centrum West,

een paar magazine-achtige programmaatjes en Doet 'ie 't als een

goedkope tribuneshow met minimaal decor.

De boycot van van den Ende door de publiek rechtelijke omroepen

gaf productiebedrijven als de Mol en Stokvis, de kans om hun

marktaandeel flink te vergroten.

Het is in die periode, dat de Mol contact zocht met Rooyens en

vroeg om een serie programma's voor hem te willen regisseren.

Ondanks de temperatuur, die tussen Rooyens en van den Ende

nog wel eens hoog op kon lopen, (twee gedreven mannen, beide altijd

uit op het beste resultaat, beide emotioneel) voelde Rooyens een grote

solidariteit met van den Ende. (Zakelijk altijd correct, nooit de

goedkope oplossing zoeken maar de beste, als dat geld kostte dan

moest dat maar, veel passie.) Rooyens zocht contact met hem en

vroeg zijn mening over het aanbod van de Mol. Van den Ende

raadde Rooyens aan, om met de Mol in zee te gaan.

In betrekkelijk korte tijd zette Rooyens het bedrijf van de Mol op

de kaart als showfabriek. Van Doet 'ie 't maakt hij een volwassen show.

Hij zet Loveletters op, de kaskraker met Linda de Mol en de

100.000 Show.

Ondanks het feit, dat Rooyens en de Mol het goed met elkaar

kunnen vinden verpietert Rooyens in het lege milieu van het

bedrijf. De Mol grossiert in medewerkers die weinig tot niks kunnen

want ze mogen niks kosten. Dat zijn over het algemeen niet de beste.

Rooyens krijgt in vergelijking met de hoge professionaliteit bij Joop

van den Ende te maken met onervaren, incapabele uitvoerende

producenten.

Wat fout kan gaan, gaat fout. De Mol grijpt niet in. Zijn argument is,

dat hij niemand anders kan vinden. Zijn gedachte lijkt, Rooyens knapt

het wel op. Na een seizoen had Rooyens het wel gezien. Hij wil meer

tijd om programma's te maken die hem inhoudelijk meer te zeggen hebben.

De Mol dringt er bij hem erg op aan, om te blijven.

Rooyens wil dat het auteursrecht op zijn vormgevingsconcepten wordt

vastgelegd in een contract. Binnen de vriendschappelijke sfeer waarin
beide met elkaar omgaan zegt De Mol van alles toe, maar
concretiseert

niks. Wel vraagt hij om naast Loveletters en 100.000- show, ook nog

Doet 'ie 't, het programma waar Rooyens helemaal geen zin in heeft,

erbij te doen. Het zou een co-productie worden met de Vlaamse

Televisie en het was voor de Mol belangrijk dat Rooyens, als internationaal

uithangbord, erbij betrokken zou blijven. Een klein probleempje was het

bescheiden honorarium dat de Vara voor de regie wilde betalen, maar

Rooyens zou hem een enorme dienst bewijzen, om desondanks de

regie te doen. Wanneer RTL-Duitsland interesse toont in de

programma's doet Rooyens hem het idee aan de hand om dezelfde

show in hetzelfde decor in twee talen op te nemen. De financiele

voordelen daarvan zijn enorm. Rooyens had dat eerder gepraktiseerd

bij Johnny & Rijk en had met Joop van den Ende en de WDR

via Hannes Hoff aan een soortgelijke constructie gewerkt bij de

serie: Way of life.
Rooyens wordt gevraagd om in Parijs een groot gala te regisseren

ter gelegenheid van de 60e verjaardag van Peter Ustinov.

De Duitse producent vraagt Rooyens om ook de productie op zich te nemen.

Probleem is de volle agenda. Rooyens stelt voor om de Mol de productie

te laten verzorgen. De Mol is verbaasd, verguld en onzeker.

Zou hij zo 'n klus wel aan kunnen? Er vindt bij Rooyens

thuis een bespreking plaats tussen de Duitse producent, de Mol en

Rooyens. De omvang is groot, de tijd is kort en de Mol durft het niet

aan. Tussendoor gebeurt er op het wereldpolitieke toneel ook zo het

een en ander. Ceausescu wordt verdreven en Roemenie schreeuwt

om morele en financiële steun. In korte tijd wordt een programma

in elkaar gezet. Help de Roemenen. Bob bewaard aan de  tijd dat hij in

Boekarrest gewerkt heeft, dierbare herinneringen. Er is veel emotie en

sympathie met de Roemenen. Alle medewerkers werken gratis en

staan hun gage af voor het goede doel. Producent de Mol mag 20%

van de niet geringe opbrengst aftrekken als kosten.

Als blijkt, dat de Mol een programma-idee van Rooyens schaamteloos

jat, een afspraak over een dramaserie niet nakomt en hem ook nog

eens financieel belazert, is de maat vol. Begin '91 eindigt de

samenwerking.

 

Eind '89 begint van den Ende Producties weer een beetje op

gang te komen. Vanaf december regisseert Rooyens een serie

Wedden Dat voor het Belgische VTM. Begin 1990 sluit van den

Ende tegen wil en dank, een deal met de de groep die wel een

zendlicentie heeft gekregen, RTL-Veronique en ook voor die

zender wordt een serie Wedden Dat geproduceerd.

 

In Duitsland valt in 1989 de Berlijnse Muur. Rooyens wordt door

de ARD gevraagd een concept te schrijven voor een kerstprogramma

waarin historisch besef en verzoening centraal staan. 

Het zal de eerste coproductie worden tussen de Oostduitse- en de

Westduitse televisie. Een eervolle opdracht.

Rooyens baseert zijn concept op 4 thema's. Verleden, (de

uiteendrijving) De Elementen (eeuwigheid), Doorbraak (val

van de muur), Verzoening. (nieuwe eenheid)

Het programma krijgt de titel "Mach hoch die Tür, die Tor' macht

weit" naar een lied van Georg Weissel uit de 17e eeuw.

Het programma heeft een muzikaal klassiek karakter en zal worden

opgenomen in Das Schauspielhaus de prachtig officiele

muziektempel van het voormalige Oostduitse regime.

De Dresdner Staatskapelle staat onder leiding van Felix Leitner.

Solisten zijn o.a. Hermann Prey, Doris Soffel, Siegfried Jerusalem.

en het Zagorsk Monastery Choir.

Heinz Rühmann, de in Oost en West alom geliefde acteur, zal

met begeleiding van harpiste Maria Graf, voorlezen uit het

Evangelie van Lukas.

De eerste bespreking met de directie van het Schauspielhaus

had een merkwaardig verloop. Rooyens, begeleidt door zijn

Produktionsleiter, vertelde aan de (nog steeds in actieve dienst zijnde)

directie uit het Honnecker tijdperk wat zijn plannen waren.

Het was zo kort na de Wende een onzekere tijd voor de Oostduitsers.

Niemand was zeker van zijn baan, had geen idee hoe de nieuwe

situatie zich zou ontwikkelen, geen houvast meer aan de oude directieven

van de partijleiding. De directie van het Schauspielhaus vouwde

plattegronden open en vertelde aan Rooyens, waar hij de camera's

mocht neerzetten en waar plaats was ingeruimd voor spots. Alles

keurig gemarkeerd op plattegronden van het oude regime.

Rooyens legde uit, dat hem een andere camera line-up voor ogen

stond, dat de voor spots gereserveerde plaatsen niet voldeden

aan zijn lichtplan en dat er bovendien stoelen moesten worden ver-

wijderd, om rails te kunnen leggen voor de kraan.

De gezichten van de directieleden toonden verbijstering.

Hier voltrok zich voor hun ogen, de verandering van de nieuwe tijd.

Niets was meer wat het geweest was. De stoelen gingen eruit. De

kraan kwam erin, de camera's stonden op andere posities en het

lichtplan dat voorheen niet meer presteerde, dan het platte uitlichten van

een symfonieorkest was omgebouwd tot een sfeervolle toverdoos.

De shock was groot.

Een mogelijk probleem van een hele andere orde voor Rooyens, betrof

de medewerking van Heinz Rühmann. Een verzoenender, geliefder,

vader des vaderlands, was er eigenlijk niet. Rooyens  verheugde zich

enorm op de samenwerking met deze ikoon van film en theater.

Maar ja, hij was al 88 jaar. Broos, met een kwetsbare gezondheid.

Zou hij de inspanning aankunnen? Zou hij wel fit en gezond genoeg

zijn? Rooyens zocht contact met Rühmann en stelde voor om een

vooropname met hem te maken, zodat zijn medewerking (waar hijzelf

zeer veel prijs op stelde) hoe dan ook gewaarborgd zou zijn. Rühmann

vond het  een goed idee, zodat Rooyens met een camerateam afreisde

naar zijn huis aan de Starnbergersee bij München.

Er zaten enkele weken tussen de opname bij hem thuis en de opname

in het Schauspielhaus, Berlijn.

Rühmann was er live bij. Broos, maar fit en monter. Zijn vrouw bedankte

Rooyens voor de vooropname. Hoewel nooit gebruikt, was het voor

haar man een geruststellende gedachte geweest dat hij ook bij eventuele
gezondheidsklachten aan het programma een bijdrdage zou leveren.
Bijna 4 jaar later op 30 oktober 1994 overleed hij.

 

In 1991 wordt Rooyens door Jose Montes-Baguer, kunstpaus van de

WDR gevraagd om met gebruikmaking van de nieuwe HD techniek, het

verhalende ballet, LuLu van Wedekind , in de choreografie van Jochen

Ullrich, te regisseren. Rooyens ziet de voorstelling in het Stadttheater

in Duisburg en maakt daarbij kennis met Ullrich. Vrijwel meteen kunnen

zij het goed met elkaar vinden. De theatervoorstelling is te lang daar moet

dus iets aan gebeuren. Bovendien is een theaterchoreografie gebaseerd

op continuiteit, weinig detail en een ruimtelijk gebruik in de breedte. Het

televisiebeeld verlangd diepte. Kent close-ups voor het detail, kan de

handeling decouperen en editen. De twee media zijn te verschillend om

via de reportagemethode tot een optimaal resultaat te komen.

Rooyens laat de voorstelling van bijna 2 uur, met 1 kamera in een

totaalbeeld opnemen. Hij snijdt die band terug naar 50 minuten. Scenes

zijn ingekort en waar overbodig weggelaten.

De consequentie daarvan vereist aanpassingen en hier en daar

herchoreografie. Nieuwe aansluitingen, andere danslijnen.

Met Ullrich werkt hij een lang weekend aan de nieuwe edit van het

ballet. Daarna wordt er met de dansers nog een week in de balletstudio

gewerkt aan de inkortingen en veranderingen.

Synchroon daaraan schrijft Rooyens een camerascript waarin niet

alleen de camera-instellingen vermeld staan, maar ook de aanwijzingen

voor scriptgirl en editor.

 

Fragment camerascript Lulu.

                                          

  

Rooyens had 10 studiodagen ter beschikking. De eerste dag ging

verloren aan het omgaan met de HD-cameratechniek. De beelden

waren technisch prachtig, maar de cameravoering, waarvoor Rooyens

zijn vaste team uit Holland had meegenomen, verdiende aanpassing.

Een nadeel van HD was het gebrek aan technische middelen voor

beeldmanipulatie. Daarmee diende rekening te worden gehouden

bij het maken van het draaiboek en bij de uiteindelijke editing.

Het resultaat, ging in grootbeeldprojectie in premiere als openingsfilm

van de Funkausstellung in Berlijn. Op het International Electronic

Cinema Festival in Tokyo, werd het programma onderscheiden voor de

beste regie.

 

 

 

Begin 1992, wordt Rooyens gebeld door Joop van den Ende. Joop

heeft via een partnerschap met Rudi Carrell, voet aan de grond ge-

kregen in Duitsland. Hij heeft 3 series verkocht. Superfan,

Showmasters, en een Duitse variant van Ook dat nog, onder de

titel Wie bitte...?!  Rooyens moet, als bekend en geacht regisseur

in Duitsland, alle drie de series voor hem gaan doen. Rooyens die

ondanks zijn incidentele clashes met Joop, hem om allerlei redenen

zeer waardeert, wil hem graag ter wille zijn, maar heeft andere

afspraken en verplichtingen. Joop dringt aan. Hij wil de zekerheid bij

zijn entree op de Duitse markt, dat er alles aan gedaan is, om het

resultaat zo goed mogelijk te maken. Rooyens zegt het een en ander

af en laat van den Ende weten, dat hij twee series kan doen, maar

geen drie. Hij raadt hem aan om voor Wie bitte..?!, qua regie een

betrekkelijk eenvoudig programma, iemand anders te zoeken.

Van den Ende is opgelucht en gaat akkoord.

Bij de eerste de beste ontmoeting in Keulen met van den Ende's

partner Carrell heeft Rooyens al meteen een conflict. Carrell heeft

buiten medeweten van Rooyens om, een ontwerper opdracht gegeven

een decor te bedenken voor Superfan. Rooyens ziet de maquette en

vindt het een lelijk, smakeloos, ouderwets, onpraktisch ontwerp en keurt

het af. Carrell meent dat het ontwerp heel goed is, waarop Rooyens hem

aanraadt om dan zelf de regie maar te doen.

Van den Ende krijgt de maquette te zien en keurt het ontwerp ook af.

Uiteindelijk maakt Roland de Groot een nieuw decor.

De samenwerking tussen Carrell en van den Ende begon te

corroderen en zou enige tijd later ook beëindigd worden.

De serie werd met een geheel Nederlandse crew, geproduceerd in de

Duitse Mohnheim Studio's en was, afgezien van het tamelijk dunne

concept, een wekelijks feest voor iedereen die er bij was.

Showmasters, werd geproduceerd in de studio in Aalsmeer.

Na afloop van de serie, kreeg Rooyens veel complimenten.

 

Op verzoek van de Vara bedenkt Rooyens in 1992 met de

gerenommeerde reclamemaker Bert Voorwinde een televisieconcept

waarin de gefacetteerdheid van de reclame centraal staat. Titel van het

programma is De Verleiding. Het wordt gepresenteerd door Astrid

Joosten. Rooyens laat een reclamefabriek ontwerpen, waarin o.a. een

teststudio, een filmstudio een ontwerpstudio, conferentieruimtes en

viewingruimtes zijn opgenomen. Er worden clips getoond, er zijn

interviews en er is publieksparticipatie. Voor de vormgeving worden

de middelen die de reclame ten dienste staan niet gemeden. De serie

is redelijk succesvol en de Vara gaat ermee door. Rooyens heeft

andere besognes en vertrekt als regisseur. (hij is als auteur/regisseur

nauw betrokken bij de opstart van de nieuwe cultuurzender van

Frankrijk en Duitsland Arte)

In het tweede seizoen breekt de nieuwe regisseur per uitzending steeds

meer af van het oorspronkelijke dynamische decor. De gedachte less is

more wordt hier rigoureus gepraktiseerd. Rooyens: ' die gedachte

bevolkt het hoofd van 2 totaal tegengestelde categorieen; het genie en

de ongetalenteerde'. Uiteindelijk blijft er alleen een ruimte over voor

gesprekken. Kijkdichtheid daalt, waardering zakt en binnen een seizoen

is het programma om zeep geholpen.

 

Begin november is Rooyens in Shanghai als internationaal jurylid

van het grootste Aziatische Film- en Televisiefestival Magnolia.

 

Rooyens vindt het leuk om zo af en toe voor de lol en de kick een

(meestal live) rockconcert te regisseren. Zijn vriend Peter Rüchel

(RockPalast) vraagt of hij belangstelling heeft in een rockconcert

met Keith Richards. Midden november 1992, vertrekken ze voor een

week naar Kopenhagen om met Richards, die daar repeteert met zijn

eigen band the X-pensive Wino's een aansluitend rockconcert in het

Sportpalast Köln voor te bereiden. Heerlijke tijd.

Op 29 november gaat het programma live de lucht in.

 

In 1993 heeft de NPS (weer) een probleem. In het kader van het Holland

Festival, waar de NPS financieel substantieel aan bijdraagt, is

afgesproken dat de nieuwe opera Antigone van Ton de Leeuw, zal

worden opgenomen. De daartoe aangezochte regisseur is weer ziek

geworden of anderszins ongesteld en niet in staat de opdracht uit te

voeren. Rooyens opnieuw (na het openingsprogramma 3e net) in de rol

van troubleshooter. Met videocamera's een voorstelling in het theater

fotograferen is naar het oordeel van Rooyens te oneigenlijk om aan de

prestatie van betrokkenen, recht te doen.

Camera's staan op vaste posities. Bij de positionering moet rekening

worden gehouden met de zichtlijnen van het publiek. Er wordt met

degene die aan de kassa zit eeuwig gezeurd en gechicaneerd over het

aantal zitplaatsen die een camera in beslag neemt. De mise-en-scene

ontwikkelt zich in de breedte. Dat dwingt tot absurd ruime totalen.

Een televisiedramaregisseur van enige kwaliteit, zou op die manier nooit

een mise-en-scene in elkaar zetten. Televisie, dwingt door de beperkte

afmetingen van het beeldscherm om de close-up te gebruiken voor

details. Details van handeling, details van emotie. In de totaalshots

staan de ogen van de protagonisten op 2 beeldlijnen. Knap, wie daar

nog emotie in herkent. De beeldvoering is noodgedwongen plat.

Close-ups kunnen alleen worden gemaakt met behulp van lange

lenzen. Dat betekent, dat de inhoud van het beeld is platgedrukt.

Er is geen ruimte meer in het plaatje, waardoor de toeschouwer,

het onbewust benauwd krijgt.

Credo:

Doe je werk goed en ga naar een studio, of gebruik het theater

als studio, zonder beperking van uitbater of bezoeker. Laat je

camera's vliegen en dansen en geef de uitvoerenden de kans om intiem

en klein te zijn in plaats van luid en groot.

Voor de televisieversie worden 3 dagen vrij gemaakt. Het concept van

Rooyens, gaat uit van storytelling en niet van een beeldverslag van

de voorstelling. Een noodzaak om het orkest te gebruiken is er niet.

De opname zal geschieden met playbackbanden. De aanwezigheid van

een mimend orkest zal alleen maar de aandacht van het verhaal

afleiden. Rooyens bespreekt zijn opvatting met de productieleiding en

stelt voor om zelf de dirigent Reinbert de Leeuw tekst en uitleg te geven.

Hem wordt verzocht dat aan de productieleiding over te laten. Helaas

gebeurd dat niet. De Leeuw kwaad. Zijn vriend van Vlijmen directeur

van het Holland Festival, ook kwaad. Van de Leeuw is dat zeer goed

voorstelbaar, van van Vlijmen zou je enig begrip mogen verwachten.

Maar helaas.

Men verwachtte eerder byzantinisme dan eigenzinnigheid.

Rooyens ging op zijn eigen wijze aan het werk. Paste hier en daar de

mise-en-scène aan. Gebruikte de middelen en taal van televisie om

er een zelfstandig werk van te maken.

Het Holland Festival toonde zich in de ogen van Rooyens  een 'bad

looser'. De pers en met name componist Ton de Leeuw daarentegen

waren enthousiast. De Leeuw, schreef Rooyens een emotionele

dankbrief.

 

In de jaren daarna maakt Rooyens  voor de Duitse commerciele

zender Sat 1, een aantal amusementseries. Hij geniet, als altijd van het

werken met een ploeg in de studio, maar inhoudelijk kunnen de

programma's hem minder bekoren. De commercie, die programma

als middel ziet en niet als doel, rukt steeds agressiever op.

 

Zijn hart ligt veel meer bij de programma's die hij voor de WDR en

Arte maakt. Met het Ballett der Deutsche Oper am Rhein in de

choreografie van de Zwitser Heinz Spoerli maakt hij op de muziek

van Philip Glass en Mendelsohn Bartholdie het avondvullende

ballet "Summernight Dreams", naar Shakespeare.

 

 

In 1995 schrijft en regisseert hij het Vara-jubileumprogramma

De nacht van de vrouw van de warme bakker.

De nacht valt in. De vrouw (Astrid Joosten), kan niet slapen en

besluit haar man (Peter Tuinman), in de bakkerij te verrassen

met een kopje thee.

Daar betrapt ze hem met de aantrekkelijke bakkersassistente tussen

wolken meel en knedende deegmachines in een orgie van room en

zelfrijzend genot.

In chock loopt ze de straat op en wordt opgenomen in een ketting van

beroemde filmcitaten. Vara presentatoren en prominenten spelen daar-

in de protagonisten. Aan het einde van haar avontuurlijke nacht keert de

vrouw zelfverzekerder en zelfbewuster terug in de bakkerij voor de

afrekening. Ze wekt haar man's begeerte en verlangen, met de

striptease uit Nine and a half weeks. Niet om hem terug te winnen,

zoals de bakker kwijlend hoopt en denkt, maar als afscheidstatement.

Begeleidt op de tonen van het oude socialistische strijdlied Op naar het

licht verdwijnt ze aan de horizon op weg naar een nieuw leven. 

 

 

In de periode hierna tot nu, concentreert het werk van Rooyens zich op

producties voor de ARD en Arte.

 

In 1998 wordt hij gevraagd iets origineels te bedenken ter gelegenheid

van de 350jarige herdenking van de Vrede van Münster. Hij schrijft een

scenario, vanuit de aanname, dat televisie in 1648 al bestond.

Het programma krijgt het karakter van een CNN Breaking News report.

Correspondenten van de ARD worden ingezet om breaking news en

reportages te verzorgen met historische feiten waarin gedachtegoed,

cultuur en tijdgeest zijn verwerkt.

De correspondent bij het Vatikaan breekt in met de newsflash, dat

Galilei Galileo door de paus huisarrest is opgelegd. In de kroegen in de

stad Münster wordt gedronken, gefeest en geroddeld. Met de gezanten

wordt op cabareteske wijze de draak gestoken. Er zijn interviews met

notabelen er zijn live schakelingen met de Friedenssaal, waar

de voorbereidingen voor een groot banket, ter gelegenheid van

de ondertekening in volle gang zijn. Onder in beeld loopt de beurs-

ticker mee met de laatste koersen, naast een ticker die jaartallen,

oorlogen en aantallen slachtoffers meldt.

De vorm blijkt een vehikel om op een aantrekkelijke, inzichtelijke

wijze, geschiedenis voor een breed publiek interessant te maken.

 

Draaiboek

 

Programma frames

 

Hij maakt Kultursprung een cultuurshow opgedeeld in de decennia na

de 2e wereldoorlog.

Met de gebroeders Stockhausen, het openair concert Musik Jubilee

ter gelegenheid van het 2e lustrum van de Kölner Philharmonie.

De muziek is gecomponeerd door de Stockhausen's, omvat jazz,

pop en klassieke invloeden en kent een scala aan uitvoerenden.

 

 

Rooyens keert nog een aantal malen, op uitnodiging van de

Chinese Televisie, terug naar China. Hij wordt, opnieuw gevraagd

als jurylid, houdt lezingen en geeft masterclasses.

 

Met choreograaf Jochen Ullrich, schrijft hij het scenario voor

het videoballet Get up Early, waarover hij tevens de regie voert.

 

Bij de uitreiking van de Gouden Beelden, eind 2004, wordt hij

door zijn collega's onderscheiden met de Carriere Award.

 

 

Prijzen en onderscheidingen

 

-    XXeme Semaine International des Organismes

     Officiels de Tourisme – le Meilleur Film

     ' Berlin – Berlin – Berlin '

 

-    Teenbeat Awards – Beste popshow

      ' Moef GaGa '

 

-       De Zilveren Nipkowschijf voor zijn oeuvre (1969).

 

-    Rose de la Presse – Festival de la Rose D ' or

 

-    Winnaar ' Hollywood Festival of World Television '

 

-       Kunstprijs van de stad Berlijn (1972).

 

-    Nominations Grimme Preis

 

-    TZ-Rose – Mediaprijs Duitsland

 

-    Premio Ondas

 

-    International Electronic Cinema Festival – Tokyo.  Best Director

 

-       De Bronzen Roos op het tv-festival van Montreux voor 'Kinderen voor kinderen'.

 

-       De Coq d ' Honneur van het genootschap voor reclame (1980).

 

-       De Gouden Antenne op het internationale tv-festival in Belgrado (1988).

-       for best Direction, best Production, best Design. (Mia Schlosser)

 

-       De Tros TV Ster voor "Beste regie Spelshows"

 

-    Zes eervolle vermeldingen Festival de la Rose D ' Or.

 

-       De Carriere Award 2004.